Begin vandaag nog met uw reis naar taalbeheersing Frans
Taaltrainingen Frans in Hoorn van topniveau
Taalkennis Frans verbindt u met de Franssprekende wereld en is een communicatiebasis die deuren voor u opent - vooral op het professionele vlak. Zo krijgen organisaties die in de taalkennis en taalopleiding van hun medewerkers investeren, ook een duidelijk voordeel en een voorsprong.Dagnall Talen is een taalaanbieder die u als scholingszoeker precies dat levert: Effectieve taaltrainingen Frans op het hoogste niveau voor medewerkers en leidinggevenden in, en in de buurt van Hoorn.
Taaltraining Frans op maat, omdat uw bedrijf of organisatie welbespraakte werknemers verdient.
Vakgebieden
Van zakelijk en technisch tot medisch - Dagnall spreekt elke bedrijfstaal.Elke bedrijfstak heeft zijn eigen taalgebruik en hanteert zijn eigen terminologie. Geef uw medewerkers een zelfverzekerde uitstraling en duidelijke concurrentievoordelen, door middel van branchespecifieke taalkennis Frans op het hoogste niveau.
Dagnall Talen biedt opleidingzoekers taaltrainingen Frans in Hoorn aan in een brede waaier van gespecialiseerde vakgebieden.

Goed op weg met Dagnall Talen
De organisatie van uw taaltrainingen Frans in goede handen
Werkgerelateerd & doelgericht Frans leren
Wij bieden onze taalcursussen Frans op maat aan als individuele lessen, als groepscursussen met collega’s, als intensieve workshops en als doorlopende, regelmatige trainingen - met face-to-face-lessen alsook online cursussen. Bij Taleninstituut Dagnall kan iedereen Frans leren op precies de manier die het beste bij hem of haar past. Naast de klassieke taaltaaltrainingen Frans zijn organisaties vooral in werkgerelateerde taaltrainingen geïnteresseerd zoals schrijfvaardigheid Frans en/of zakelijk Frans. Onze taaltrainingen worden op de individuele behoeften van scholingszoekers afgestemd. Taleninstituut Dagnall is een taalaanbieder die de mogelijkheid biedt om door middel van gecertificeerde taaldocenten met zeer goede beoordelingen en recensies Frans te leren in Hoorn. Dagnall Talen leidt u vlot en doelgericht naar het door u beoogde resultaat.Filosofie
Onze filosofie is om Frans te leren zonder schroom en met gemak en plezier. Dagnall Talen gaat daarom tot het uiterste om ervoor te zorgen dat u de Franse taal zonder remmingen en moeiteloos leren.Frans leren moet leuk zijn en daarom werken wij met methodes die het leren prettiger en gemakkelijker maken.
Met onze methodes wordt nieuwsgierigheid opgewekt en de bereidheid om te leren, ondersteund. Met 15 minuten dagelijks oefenen, brengt Dagnall Talen cursisten in grote stappen naar het gewenste taalniveau.
Dagnall Talen is een partner voor iedereen die Frans wil leren in Hoorn.
Betaalbare topkwaliteit sinds 1982
Daarom Dagnall!
taaltrainingen - vertalingen - tolken - teksten
Plan van aanpak Dagnall Taleninstituut
Dagnall stelt in overleg met u als opdrachtgever de leerdoelen en wensen vast. U meldt de deelnemers met de contactgegevens aan. Dagnall Taleninstituut verzorgt een intake op locatie of, indien gewenst, telefonisch of online. Nadat het intakegesprek heeft plaatsgevonden, waarin op basis van het Europees Referentiekader het huidige en gewenste taalniveau van de cursisten wordt bepaald, sturen wij u een op maat gemaakt cursusvoorstel samen met de offerte.
Na akkoord van deze offerte stemmen wij de planning van de cursus af op uw situatie en uw agenda.
Na akkoord van deze offerte stemmen wij de planning van de cursus af op uw situatie en uw agenda.
Na enkele lessen Frans evalueert de taaltrainer de inhoud en de voortgang van de cursus. Indien nodig, kan de doelstelling worden bijgesteld.
Na de laatste les ontvangt u een eindrapportage met een beschrijving van de resultaten die door de deelnemers behaald zijn. De cursisten ontvangen tevens een certificaat van Dagnall Talen.
Na de laatste les ontvangt u een eindrapportage met een beschrijving van de resultaten die door de deelnemers behaald zijn. De cursisten ontvangen tevens een certificaat van Dagnall Talen.
[ Lees meer ]
Intake
Planning
Cursus
Certificaat
Betaalbare maatwerkcursussen Frans in Hoorn
Dagnall Taleninstituut is gestart in 1982 en verzorgt sindsdien maatwerk taaltraining Frans in Hoorn en regio voor bedrijven, (semi)overheid en andere non-profitorganisaties. Dagnall maakt gebruik van een selectie van ervaren en kundige docenten Frans die experts zijn op taalgebied en die in West-Friesland in deze jaren en een aanzienlijk aantal trainingen Frans hebben verzorgd voor bedrijven en (overheids)organisaties.
Door de aanpak die zowel functiegericht als werkplekgericht is, biedt Dagnall Taleninstituut u effectieve en betaalbare taalcursussen Frans in Hoorn. U kunt ervan op aan dat Dagnall uitstekend rendement levert; rendement door maatwerk!
Betaalbaar maatwerk Frans in Hoorn sinds 1982
Taal op de werkvloer
Taal op de Werkvloer: draagvlak is gevraagd! Taalcursussen (Frans) die gericht zijn op het verbeteren van de taalvaardigheid op de werkvloer zijn intussen bij veel bedrijven een begrip.
Werknemers zonder of met een beperkte beheersing van het Nederlands of een andere voertaal ervaren een belemmering in hun werkomgeving en willen sneller en/of beter kunnen communiceren op de werkvloer.
Werknemers zonder of met een beperkte beheersing van het Nederlands of een andere voertaal ervaren een belemmering in hun werkomgeving en willen sneller en/of beter kunnen communiceren op de werkvloer.
Zij willen graag de aanwijzingen op de werkplek goed kunnen begrijpen en deze ook op kunnen volgen. Deze werknemers willen graag met meer zelfvertrouwen hun werk uit kunnen voeren en uiteraard hun ambitie op hun werkgebied realiseren. Investeren in mensen en in de (continue) ontwikkeling van het bedrijf is daarom noodzakelijk.
[ Lees meer ]
Vele wegen leiden van Hoorn naar Parijs
Behoeftes en leermethode
Een goede cursus Frans is niet alleen gefocust op de vraag van de cursist, klant, organisatie of werkgever, zoals betere schrijf- of spreekvaardigheid.Een goede taalcursus (Frans) is eveneens afgestemd op de meest geschikte, lees beste leermethode voor de individuele cursist.
Een cursus Frans in Hoorn die het beste bij de taalleerder past.
Hoe behaalt Dagnall een hoog rendement?
Onze vakkundige taaltrainers Frans zijn zeer bedreven in het zo snel en zo plezierig mogelijk aanleren van de Franse taalkennis en vaardigheden om deze direct in realistische praktijksituaties te kunnen gebruiken. Dat werkt wel zo prettig en het zorgt ervoor dat u veel waar voor uw geld krijgt.Het inmiddels alom bekende hoge rendement realiseert Dagnall Talen door een combinatie van deze beproefde leermethode, samen met het oogmerk op de cursist(en) en een onderzoek of de cursist(en) visueel, auditief of kinesthetisch is/zijn ingesteld. U kunt bij Dagnall Talen terecht voor cursussen die op een maatwerktraining zijn gebaseerd.
Wij bieden groepscursussen van 3 tot 8 à 10 cursisten, zogenaamde duocursussen (2 cursisten), individuele cursussen, onlinecursussen, het online leerplatform voor blended learning alsook een de Dagnall App met woordenlijsten en specifiek jargon van het bedrijf of de organisatie of het bedrijf.
Onze trainers maken veel gebruik van eigen lesmateriaal dat zij hebben verzameld en gecreëerd door de jaren heen en zij spelen continue in op actuele thema’s en ontwikkelingen.
Onze trainers maken veel gebruik van eigen lesmateriaal dat zij hebben verzameld en gecreëerd door de jaren heen en zij spelen continue in op actuele thema’s en ontwikkelingen.
Een prettige manier van leren
Een ander voordeel is dat dit uitgekiende maatwerk als een bijzonder prettige manier van werken wordt ervaren door zowel onze cursisten alsook de taaltrainers Frans van Dagnall in Hoorn. Onze, door de jaren steeds verder ontwikkelde en weldoordachte manier van werken is het bijzonder gewaardeerde handelsmerk van Dagnall geworden.Onze cursus is niet alleen functiegericht en/of werkgericht, maar tevens afgestemd op de leermethode die het beste bij de cursist zelf past.
Effectief Frans leren in Hoorn bij Dagnall Taleninstituut
Individuele cursussen en groepscursussen Frans
Franse lessen - individueel of in groepsverband
Wij verzorgen cursussen Frans op maat voor individuen en groepen, waarbij u als opleidingszoeker de gehele organisatie met een gerust hart uit handen kunt geven.Dagnall verzorgt deze individuele cursussen en groepstaalcursussen voor zowel beginners, als voor halfgevorderden en gevorderden.
Voor de individuele-, duocursussen en
groepscursussen maken wij gebruik van moderne en gevarieerde onderwijsmethoden om doelgericht te trainen en het leersucces te borgen. Vanzelfsprekend kunnen deze individuele-, duo- en groepscursussen zowel op locatie als op één van deze trainingslocaties in of bij Hoorn gegeven worden.
Maatwerk individuele en groepscursussen Frans in Hoorn
Maatwerkcursussen Frans
Wij bieden individuele cursussen Frans voor het bedrijfsleven, (semi-)overheidsinstellingen alsook particulieren in Hoorn en omgeving.Een individuele taalcursus wordt ook wel privéles of een één-op- één-taalcursus genoemd.
De individuele taalcursussen van Dagnall zijn al vele jaren bekend voor de persoonlijke aandacht, het maatwerk en een zeer hoog rendement.
De individuele cursussen Frans van Dagnall Talen zijn maatwerktrainingen en de trainingen worden afgestemd op, en specifiek samengesteld voor, het taalniveau, de branche, de leerstijl en de praktijksituatie.
De cursussen worden opgesteld om de persoonlijke of bedrijfsdoelstellingen te kunnen behalen.
Ons taleninstituut biedt groepscursussen Frans van 3 tot 10 personen, alsook duocursussen (2 cursisten) aan het bedrijfsleven, (semi-)overheidsinstellingen en particulieren.
De leergroepen worden zo klein mogelijk gehouden de deelnemers maximaal te kunnen ondersteunen en om de leereffectiviteit te maximaliseren.
Ook de groepscursussen van Dagnall zijn maatwerkcursussen en worden samengesteld voor, en specifiek afgestemd op, het taalniveau, de branche, de praktijksituatie en de leerstijl en de trainingen worden opgesteld om de (bedrijfs)doelstellingen te kunnen behalen.
Pluspunten individuele cursus
Het belangrijkste voordeel van individuele taalcursussen Frans is het hoge rendement omdat in een korte periode behoorlijk veel kennis geleerd wordt.Doordat de taalcursus intensief is, wordt meer vooruitgang geboekt en wordt het leertraject zo kort mogelijk gehouden.
Flexibiliteit is een ander groot voordeel van een individuele taalcursus. De taalcursus kan beter worden afgestemd op de leerstijl van de cursist en de inhoud kan optimaal aangepast aan de doelstellingen, het niveau en de eventuele aandachtsgebieden van de cursist.
Omdat eventuele begripsproblemen individueel behandeld kunnen worden, is de leervordering optimaal.
Een individuele is eveneens taalcursus ideaal af te stemmen op de planning en de agenda van de cursist zodat het tijdmanagement en het leerschema optimaal zijn.
Pluspunten groepscursus
Het grootste pluspunt van groepscursussen Frans is vooral de interactie met de andere cursisten; het actieve gebruik van de doeltaal in de groep zoals door rollenspellen en discussies.De zogenaamde groepsdynamiek is een ander groot pluspunt; van de fouten van anderen kunnen leren en met elkaar in de doeltaal communiceren. De afwisseling die zo geboden wordt, kunnen de deelnemers leuker vinden.
Omdat tegelijktijd meerdere medewerkers worden getraind en de groep bijna hetzelfde kennisniveau bereikt, zijn groepscursussen daarnaast efficiënt .
Ook zijn voor deelnemers groepscursussen wat minder intensief (wat minder zwaar) dan individuele taalcursussen.
Minpunten individuele cursus
Rollenspellen en discussies kunnen bij een individuele taalcursus Frans alleen worden gedaan en gevoerd met de docent.Omdat er geen interactie is met andere cursisten, kan de geleerde taalkennis niet worden geoefend in de groep.
Ook is er geen groepsdynamiek waardoor het niet mogelijk is om te leren van elkaars foutjes.
De intensievere leerbenadering van individuele taalcursussen is ook vrij intensief (zwaarder) voor deelnemers.
Minpunten groepscursus
In een groepscursus wordt minder aandacht aan het individu geschonken en kunnen de cursisten iets sneller afgeleid zijn. Daardoor ligt het rendement iets lager. Dit kan gedeeltelijk worden ondervangen door de groepen wat kleiner te houden (bijvoorbeeld minigroepen).Ook kunnen groepscursussen Frans minder goed op individuele leerstijlen worden afgestemd.
Dat de planning minder goed kan worden afgestemd op de agenda van de individuele deelnemers, is een ander nadeel van groepscursussen.
Pluspunten
Individuele cursus in één oogopslag
hoogste rendement & flexibiliteit, kortste traject
afgestemd op individuele leerstijl
inhoud perfect afgestemd op individuele behoefte
afgestemd op niveau & aandachtsgebieden cursist
afgestemd op agenda cursist
Minpunten
Individuele cursus in één oogopslag
geen interactie met andere cursisten
vrij intensief voor de cursist
geen groepsdynamiek
Pluspunten
Groepscursus in één oogopslag
interactie met andere cursisten
groepsdynamiek wordt als prettiger ervaren
groep komt op hetzelfde kennisniveau
efficiënt meerdere medewerkers tegelijk trainen
minder intensief dan individuele cursus
Minpunten
Groepscursus in één oogopslag
iets minder aandacht voor individuele cursist
minder afgestemd op individuele leerstijlen
minder afgestemd op agenda cursisten
Ontdek onze mogelijkheden voor cursussen Frans
Verschillende opties voor Franse les
Dagnall Talen geeft taalcursussen (Frans) voor beginners, halfgevorderden en gevorderden.
Niet iedereen is in de gelegenheid om naar een talencentrum te gaan. Wij verzorgen de taalcursussen daarom ook incompany en online. Bij Dagnall Talen kiezen taalleerders voor een
Niet iedereen is in de gelegenheid om naar een talencentrum te gaan. Wij verzorgen de taalcursussen daarom ook incompany en online. Bij Dagnall Talen kiezen taalleerders voor een
intensieve of semi-intensieve cursus, een spoedcursus of een opfriscursus of een cursus zakelijk Frans. Tevens is een combinatie van deze trainingen mogelijk. Vaak wordt voor een combinatie gekozen.
Dagnall Taleninstituut staat voor (betaalbaar) maatwerk!
Dagnall Taleninstituut staat voor (betaalbaar) maatwerk!
ALGEMENE LEERMETHODES
Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)
Bedacht door wie en wanneer
De audiolinguale methode was al in de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw in Amerika en in Engeland ontwikkeld, onder andere door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was het noodzakelijk om (Amerikaanse) soldaten van elementaire verbale communicatieve vaardigheden te voorzien. Hierdoor werd deze audiolinguale methode soms de ‘legermethode’ genoemd.Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)
De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een antwoord op de grammatica-vertaalmethode. Een nieuw verschijnsel was dat de lessen geheel in de doeltaal (bijvoorbeeld Frans) werden gegeven. Kunnen spreken en luisteren (in het Frans) zijn de belangrijkste vaardigheden en de (Franse) grammaticale structuren worden geleerd middels mondelinge structuuroefeningen. De bedoeling is zonder fouten Frans leren spreken en verstaan, wat bij een Franssprekende leren naspreken, begint. Herhaling is het middel hiervoor; er wordt gewerkt met driloefeningen om Franse zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en automatisch gaan worden. De trainer Frans kan zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien keer herhalen en daarna een extra Frans woord toevoegen. Bij de audiolinguale methode wordt vaak gewerkt in de zogenaamde talenpractica, waarbij studenten Frans een hoofdtelefoon op hebben en zinnen beluisteren en naspreken. Het geschreven Frans wordt pas behandeld zodra het mondelinge Frans vertrouwd is geworden. Afbeeldingen worden wel gebruikt om nieuwe Franse woorden te introduceren.Populariteit
In Nederland werd de methode pas geïntroduceerd rond het jaar 1970 bij het ingaan van de Mammoetwet. Er kwamen al snel bezwaren tegen deze inhoudsloze driloefeningen. Het gebeurde wel eens dat de techniek haperde, waardoor de talenpractica vrij gauw in onbruik raakten. In plaats van de talenpractica werden de mondelinge structuuroefeningen schriftelijk gemaakt. Leerboekenschrijvers namen de markt weer over en boden zoals gebruikelijk expliciete grammaticaregels aan. Toch heeft de audiolinguale methode haar sporen nagelaten. Nu was alom geaccepteerd dat het bij een taal (zoals Frans) leren niet om het memoriseren van de (Franse) grammaticaregels gaat, maar om de toepassing van de grammatica. Luistervaardigheid (Frans), die vóór de jaren zeventig voor het merendeel van docenten niet bestond, was ontdekt.Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method
De audiolinguale methode is voor beginnende studenten Frans effectief. Direct vanaf het begin wordt de correcte uitspraak Frans aangeleerd. Deze audiolinguale methode is docentgestuurd en kan daardoor een vlotte en efficiënte overdracht van de kennis van de taal bieden. De audiolinguale methode kan ook bij grotere groepen worden toegepast.De docentgestuurde kant is tegelijkertijd een nadeel; er wordt geen eigen input van de lerenden verwacht. Hierdoor ligt het gevaar van passiviteit en onvoldoende betrokkenheid en motivatie op de loer. Een ander bezwaar is dat de geoefende driloefeningen niet zo gemakkelijk in levend taalgebruik Frans om te zetten zijn.
GoldList Method (GLM)
Bedacht door wie en wanneer
De GoldList Method (‘gouden lijst-methode’) is door David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey ontwikkeld.Kenmerken van de GoldList Method (GLM)
De GoldList Method is een methode om woorden of zinnen in een vreemde taal (bijvoorbeeld Frans) op een zodanige manier te leren dat deze opgeslagen worden in het langetermijngeheugen. De methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten (Frans) die nadien herhaald worden. Deze Franse zinnen of woorden van de woordenlijst worden door de studenten hardop gelezen. De bedoeling is niet om al deze woorden of zinnen uit het hoofd te leren, maar dit eigenlijk gebeurt automatisch door de blootstelling. De woordenlijst wordt steeds veranderd; Franse woorden die zijn aangeleerd, worden van de lijst verwijderd. De Franse woorden die nog altijd problemen opleveren, blijven staan.Populariteit
Aanhangers van de GoldList Method claimen dat deze woorden en zinnen in het Frans spontaan in het langetermijngeheugen van de lerende opgeslagen worden,. Dit wordt door veel geheugenwetenschappers bestreden. Volgens deze geheugenwetenschappers wordt (taal)kennis in het algemeen opgeslagen wanneer deze ook relevant en betekenisvol is. De GoldList-methode kan dus alleen werken voor Franse woorden en zinnen die van betekenis en relevant zijn voor de lerende.Voor- en nadelen van de GoldList Method
Bij studenten die voordeel hebben bij bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteun zou deze GoldList-methode goed kunnen werken. Met de hand schrijven functioneert effectiever dan typen of, redelijk zinloos: een fotootje maken, omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt. Een minpunt van deze methode is het ontbreken van context. Taal bestaat uit veel meer dan alleen een serie losse woorden en zinnen. Daarnaast is deze methode nogal tijdrovend omdat steeds handgeschreven lijsten moeten worden aangelegd.De Natural Method
Bedacht door wie en wanneer
De Natural Method, ook wel de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genoemd, is door de Amerikanen Tracy Terrell en Stephen D. Krashen in 1983 ontwikkeld.Kenmerken van de Natural Method
De Natural Method is gericht op een natuurlijke manier van taalverwerving (van bijvoorbeeld Frans). De leermethode probeert het Frans te leren op de manier waarop iemand als kind zijn of haar moedertaal leerde spreken. De taalregels van het Frans leert men ook onbewust op die wijze. Alleen het Frans met de nodige visuele hulpmiddelen wordt hiervoor gebruikt. Het streven is een leeromgeving zonder stress. Een grote hoeveelheid begrijpelijke input wordt aan de studenten blootgesteld. De taalproductie Frans wordt niet geforceerd, maar mag spontaan ontstaan. De nadruk ligt op communicatie en minder op het corrigeren van vormfouten en expliciete Frans grammatica.De leermethode heeft het meeste rendement als de lerende wordt ondergedompeld in het Frans. De leeractiviteiten in het Frans moeten stimulerend zijn zodat de studenten plezier van de ervaringen hebben.
De Natural Method leermethode heeft vrij veel overeenkomsten met de Directe Methode. De leermethoden gaan beide uit van het idee van natuurlijke taalverwerving; het verschil tussen de beide methoden is dat bij de Directe Methode meer de nadruk op de praktijk wordt gelegd en bij de Natural Method meer op de blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.
Populariteit
Het feit dat onderdompeling zeer effectief is, is al veelvuldig aangetoond. Omdat de natuurlijke aanpak vrij eenvoudig is om te begrijpen, is de methode een populaire manier van lesgeven onder taaldocenten Frans. Minpunten heeft de natuurlijke aanpak ook. De nadruk wordt vooral gelegd op het impliciet aanleren van de grammatica van het Frans. Studenten zouden weliswaar leren om te communiceren, maar blijven hangen in een wat gebrekkige, versimpelde versie van het Frans door ontoereikende kennis van de grammatica.Voor- en nadelen van de Natural Method
Om op een natuurlijke manier een taal aan te leren, wordt prettig gevonden. Lerenden krijgen de kans om een persoonlijke band met het Frans op te bouwen. Doordat er niet ‘uit het hoofd geleerd hoeft te worden’, beklijft het geleerde Frans langer.Het nadeel kan zijn dat het wat langer duurt voor er resultaat geboekt wordt, doordat bijna geen druk ligt op de taalproductie. Ook bereidt de methode de lerende niet per se voor op een specifiek Frans examen.
Structurele Aanpak
Bedacht door wie en wanneer
De ‘Structurele Aanpak’ (Engels: Structural Approach; ‘SA’) is in de jaren 50 ontwikkeld door Charles Carpenter Fries en Robert Lado.Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)
Deze Structurele Aanpak is een taalverwervingsmethode met als doel de student vertrouwd te maken met de grammaticale en fonologische structuren van de taal (bijvoorbeeld het Frans). De beheersing van deze structuren levert volgens de SA meer op dan de verwerving van woordenschat Frans. Het draait om het herkennen en kunnen toepassen van vaste combinaties van Franse woorden en woordgroepen in de juiste woordvolgorde. Deze combinaties worden aangeboden aan de student in reële situaties met gebruik van visualisatie, dramatisering, gezichtsuitdrukking en handelingen. De structuren die het vaakst in het Frans worden gebruikt, worden als eerste geleerd. De mondelinge vaardigheid Frans (luisteren en spreken) wordt hier in eerste instantie bij gebruikt; daaruit volgen lezen en schrijven. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid Frans (spreken en schrijven), krijgt de grammatica een grote plaats. De Structurele Aanpak wordt ook wel Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) genoemd.Populariteit
In de jaren vóór 1970 werd de Structurele Aanpak gebruikt op grote schaal om Engels te leren in Engelssprekende landen, voormalige Britse koloniën en in Maleisië.Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak
Het voordeel van een structurele aanpak is dat de studenten het Frans op een nauwkeurige manier geleerd wordt. De studenten krijgen inzicht in de grammatica van het Frans en leren in welke situaties bepaalde Franse woorden of woordcombinaties wel of niet passend zijn. De methode van de Structural Approach gebruikt alledaagse taal. De Structural Approach heeft ook minpunten. De manier van werken is tamelijk tijdrovend en zorgt niet direct voor succeservaringen. De eigen input van studenten is gelimiteerd; het is niet erg creatief.Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)
Bedacht door wie en wanneer
Communicatief taalonderwijs (In het Engels: Communicative Language Teaching, afgekort: CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (In het Engels: Communicative Approach, afgekort: CA) genoemd, is in de jaren 60 van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van Noam Chomsky, die de nadruk op competenties bij het leren van een taal legde. Amerikaans taalkundige Dell Hymes was de grondlegger in 1966 van het concept van communicatieve vaardigheden.Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)
Het communicatief talenonderwijs gaat uit van de opvatting dat interactie het uiteindelijke doel is bij het leren van een vreemde taal (zoals Frans).De studenten leren het Frans in de praktijk te brengen met gebruik van CLT-technieken door de interactie met de docent Frans en met elkaar. Teksten, geschreven in het Frans of ander materiaal uit de werksituatie en/of het dagelijks leven worden gebruikt. Het Frans wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.
Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de taaldocent Frans draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid Frans in diverse realistische situaties te oefenen. Franse grammatica leren studenten inductief, dit betekent aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.
Bij CLT is de taaldocent Frans echt een trainer, die de lerende helpt communiceren in de Franse taal.
Populariteit
De CLT werd heel populair in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw, mede doordat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol bleken. Door de verdere eenwording van Europa was er meer behoefte om een taal te leren op een wijze die direct toepasbaar was.Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs
Het communicatief taalonderwijs heeft veel voordelen. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in het Frans; deze methode van leren is functioneel en studentgericht. Doordat authentiek materiaal wordt gebruikt, leren studenten de Franse woorden die zij nodig hebben. De methode is efficiënt. Deze methode werkt voor de lerende stimulerend, omdat hij of zij vlug succes ervaart. Foutjes mogen worden gemaakt; de vaardigheden wordt al doende geleerd en geperfectioneerd. Een keerzijde van de communicatieve benadering is dat er veel minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet direct toepasbaar is en de uitspraak. Het voorbereiden en plannen vereist veel meer tijd van de trainer en vraagt een actieve deelname van studentent. Voor een aantal lerenden is deze manier van een vreemde taal leren ongewoon of moeilijk, afhankelijk wat voor achtergrond zij hebben. CLT (communicatief taalonderwijs) traint de vaardigheden; hierbij gaat het om de functie en in mindere mate om de vorm en de methode biedt dan ook geen echt samenhangend geheel.Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)
Bedacht door wie en wanneer
Het taalonderwijs was in de 18de en de 19de eeuw vooral gefocust op praktisch taalgebruik. Men leerde om gebruiksklare zinnetjes, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, woordenlijsten etcetera na te spreken, uit het hoofd te leren en vervolgens op te zeggen. Een Duitse docent Frans en Italiaans en eveneens lesboekenschrijver; Johann Valentin Meidinger, deed dit op een andere manier. Meidinger ontwikkelde rond 1783 een leermethode waarbij de grammatica centraal stond. Meidinger wordt als de grondlegger gezien van de grammatica-vertaalmethode (Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM).Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)
Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gebaseerd; de taal van de religie, de cultuur en de wetenschap. Dit onderwijs in het Latijn was natuurlijk gericht op geschreven teksten van klassieke schrijvers en was geheel gericht op vertalen en grammatica. Dat werd beschouwd als een degelijke en wetenschappelijke aanpak. De Grammatica-/vertaalmethode gaat van de analyse uit van de taalvormen en de taalstructuren (van bijvoorbeeld Frans) waarbij de lerende inzicht ontwikkelt. De lees- en schrijfvaardigheid Frans dus belangrijk bij de Grammatica-vertaalmethode. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten in het Frans hebben de nadruk. De taaltrainer draagt kennis Frans over, de student memoriseert.Populariteit
Al vanaf halverwege de negentiende eeuw waren er ook tegengeluiden te horen. Desondanks heeft tot recente datum de grammatica-/vertaalmethode een grote invloed gehad op het taalonderwijs.Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode
De grammatica-/vertaalmethode is een aardige mentale training voor diegenen voor wie het een uitdaging is om dingen uit het hoofd te leren. Deze methode biedt ook inzicht in de structuur van het Frans, doordat de nadruk gelegd wordt op de grammatica.Er zijn echter meer keerzijden dan positieve kanten. De belangrijkste keerzijde is dat de spreek- en luistervaardigheid Frans ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studie zelden mondeling kan worden toegepast. De methode staat ver van het dagelijks gebruik van het Frans af, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het over het algemeen om literair taalgebruik gaat. Bij het leren in een groep biedt de leermethode niet de mogelijkheid tot differentiatie of een eigen creatief proces bij studenten. De lerenden fungeren alleen als toehoorders en uitvoerders.
Onderdompeling (Engels: immersion)
Bedacht door wie en wanneer
Sinds de jaren 70 wordt de leermethode ‘onderdompeling’ (In het Engels: language immersion) wereldwijd gebruikt, voornamelijk op middelbare scholen waarbij een schoolvak (zoals wiskunde) in de vreemde taal wordt onderwezen. In Nederland is ‘onderdompeling’ ook wel bekend als de methode die wordt toegepast bij onze bekende collega’s van Taleninstituut Regina Coeli in Vught, ‘de nonnen van Vught’. De methode is daar ontstaan in 1963 met Franse nonnen die Franse les gaven aan rijke dames uit Vught en omgeving.Kenmerken van onderdompeling
Onderdompeling zorgt ervoor dat degene die de taal (zoals het Frans) leert, direct vanaf het eerste moment door de te leren taal wordt omgeven. De instructies worden gegeven in de doeltaal (Frans); eerst langzaam en met veel herhaling, later op een meer natuurlijke wijze. Vanaf het begin wordt de student ook uitgedaagd om in het Frans te spreken. De methode werkt met simulaties en rollenspellen. Op onderwijsinstellingen die werken met onderdompeling, wordt veelal de omgeving in de stijl van het Frans ingericht om een situatie te creëren alsof de studenten in Frankrijk zijn. De studenten oefenen één-op-één of in een klein groepje met Frans spreken. Een andere wijze om onderdompeling te bereiken, is naar Frankrijk te reizen en daar in een gastgezin te verblijven.Populariteit
De methode van onderdompeling wordt beschouwd als een heel goede methode om vreemde talen te leren. Met name de mondelinge taalbeheersing Frans kan op deze manier uitstekend worden aangeleerd.Voor- en nadelen van onderdompeling
Het belangrijkste voordeel is dat deze methode snel resultaat laat zien, doordat de methode zo intensief is. Het is ‘sink or swim’, de studenten moeten wel gaan communiceren in het Frans omdat zij erdoor worden omgeven. De student is feitelijk 24 uur per dag Frans aan het leren. De sociale interactie wordt versterkt door het samen oefenen in groepen. Lerenden ervaren dat als motiverend.Een nadeel is dat het bereikte resultaat niet altijd vastgehouden wordt. Als studenten in een korte tijd Frans leren, door in Frankrijk te zijn of door te zijn ondergedompeld in een kunstmatig gecreëerde omgeving, maar vervolgens weer overgaan tot de orde van de dag, is de kans groot dat het nieuw geleerde snel wegzakt. Een andere keerzijde kan zijn dat een dergelijke training Frans nogal intensief is. Niet alle studenten hebben genoeg conditie om deze methode van leren vol te houden.
Suggestopedie (Suggestopedia)
Bedacht door wie en wanneer
Suggestopedia is een methode om vreemde talen te leren uit de jaren 70 van de vorige eeuw. De leermethode is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.Kenmerken van Suggestopedie
Suggestopedia is op de kracht van de suggestie gebaseerd. Lozanov stelt dat positieve suggestie een voorwaarde is om (een vreemde taal; bijvoorbeeld Frans) te kunnen leren. Hiervoor is het van essentieel belang dat er een ontspannen sfeer en een wederzijds vertrouwen is tussen de lerenden en de docent (Frans). Hiervoor moeten studenten zich veilig voelen en ontspannen zijn. Leslokalen met rijopstellingen waren niet geschikt om dit te bewerkstelligen. Lerenden zaten in comfortabele stoelen in de lessen die werden geplaatst in een halve cirkel en er werd altijd muziek in de les gedraaid. De leermethode zoals Lozanov die beoogde, bestond uit het voorlezen van teksten, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden waren te horen. Er waren lijsten met woorden bij de teksten en opmerkingen met betrekking tot de (Franse) grammatica. Dit voorlezen werd gedaan met veel expressies in stem alsook gebaren. Op deze manier werden lerenden verleid om te luisteren en ze konden de (Franse) woorden die nieuw waren, gemakkelijk begrijpen en opnemen. Voor de cultuur en kennis over het land van de doeltaal (Frankrijk) was veel aandacht tijdens de lessen. Er werd met rollenspellen gewerkt en in de klas werden ook (Franse) streekgerechten gemaakt en geproefd.Populariteit
De leerleermethodiek Suggestopedie was omstreden en de leerleermethodiek is in de vergetelheid geraakt. Sommige elementen van Suggestopedia worden nog steeds gebruikt, bijvoorbeeld het gebruikmaken van stemexpressie en gebaren bij het lezen van teksten in de te leren taal.Voor- en nadelen van Suggestopedie
Suggestopedie creëert een veilige en ontspannen sfeer, waardoor de lerende geen last heeft van frustratie of faalangst. Voor een immigrant kan deze gemoedelijke sfeer bijdragen aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland. Vaak werkt muziek motiverend en draagt aan betere leerprestaties bij. Een ander voordeel van de methodiek is dat de lerende wordt gestimuleerd om actief mee te doen en zich in te leven in de situatie, wat voor sommige mensen een nieuwe ervaring is. Tegelijk vormt dit voor bepaalde lerenden een nadeel, omdat niet iedereen hiertoe in staat is. Ook kan muziek bij sommigen eerder afleiden en verstorend zijn in tegenstelling tot een ontspannende of stimulerende werking hebben. Een andere zwakke kant is dat de verhouding taaldocent-student niet gelijkwaardig is; alle input komt van de Franse taaldocent en de student is steeds de ontvangende partij.Community Language Learning (CLL)
Bedacht door wie en wanneer
De Amerikaanse priester en psycholoog Charles A. Curran ontwikkelde in het jaar 1976 Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning (CLL) genoemd.Kenmerken van Community Language Learning (CLL)
CLL (Community Language Learning) is een methode om een taal te verwerven waarbij de lerenden samenwerken om te bepalen welke aspecten van een vreemde taal zij willen leren. Deze CLL methode is gebaseerd op de counseling-benadering waarbij de taaldocent fungeert als een counselor die de zinnen van de lerenden omschrijft. De studenten beginnen het gesprek. Zij spreken in de moedertaal als de studenten de doeltaal (Frans) nog niet genoeg machtig zijn. De trainer (Frans) vertaalt en geeft uitleg, waarna de lerenden de uitingen van de trainer zo goed mogelijk herhalen. Deze gesprekken in het Frans worden opgenomen om daarna opnieuw te beluisteren.De CLL stimuleert het gemeenschapsgevoel in de leergroep en de methode ziet de interactie tussen de lerenden als middel om het Frans te leren. Er wordt geen lesboek Frans gevolgd; de studenten bepalen zelf de inhoud van de les middels zinvolle gesprekken.
Populariteit
Het succes van de methode hangt grotendeels af van de expertise van de docent-counselor. Bij deze methode dient de trainer naast sociaal-cultureel kundig ook taalkundig te zijn onderlegd. De trainer dient zowel het Frans als de moedertaal van de lerenden erg goed te beheersen om de taaluitingen van de lerenden te kunnen vertalen. De methode kan goed werken indien deze correct toegepast wordt. Voor grote klassen is deze methode niet bruikbaar.Voor- en nadelen van Community Language Learning
De methode biedt de lerenden een hoge mate van autonomie. Vaak vinden lerenden het analyseren van de eigen gesprekken zinvol. De leergroep wordt vaak zeer hecht, niet alleen tijdens de lessen Frans, maar eveneens daarbuiten. Met CLL worden lerenden zich veel bewuster van de groepsgenoten, de sterke en minder sterke punten en leren als team samen te werken. Van het bespreken door de fouten en het evalueren van de taalles Frans leren studenten veel. Vaak blijven dergelijke correcties in het geheugen gegrift en worden deel van de actieve woordenschat van studenten.Dat de trainer niet sturend is, ondanks dat een aantal lerenden wel sturing nodig heeft, kan een nadeel zijn. Bij CLL wordt geen leerboek gebruikt en ook geen toetsen Frans gehouden. Het succes van de taallessen is hierdoor moeilijk meetbaar. Een aantal lerenden wordt in hun Frans spreken belemmerd als zij opgenomen worden.
Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)
Bedacht door wie en wanneer
De Lexicografische benadering (Engels: Lexical Approach; LA) is een methode om een taal te leren ontwikkeld door Michael Lewis in de vroege jaren 90 van de vorige eeuw.Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)
De lexicografische benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk deel van het leren van een vreemde taal (zoals het Frans) bestaat uit het begrijpen en het produceren van ‘lexicale eenheden’. Dit zijn brokjes taal die bestaan uit (Franse) woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Studenten verwerven al doende inzicht in de patronen van het Frans (grammatica) en betekenisvolle groepen woorden. Ze leren hoe het Frans ‘in het echt’ wordt gebruikt. De woordenschat Frans neemt bij deze benadering een grotere plaats in dan de Franse grammatica. Instructies zijn gericht op situaties en Franse uitdrukkingen die regelmatig voorkomen in dialogen. Er wordt aandacht geschonken aan interactie maar ook aan exposure; aan de zogenaamde receptieve vaardigheden van de student (luisteren en begrijpen, lezen en begrijpen). Er is veel ruimte voor het zelf ontdekken van de Franse taal.De rol van de taaldocent Frans is te zorgen voor voldoende inbreng en het faciliteren van het leerproces van de studenten.
Populariteit
Onder invloed van de ideeën over taal van (onder andere) Michael Lewis zijn de leerboeken duidelijk anders geworden in de afgelopen drie decennia. Er wordt veel meer aandacht aan woordenschat van de te leren taal geschonken die aangeboden wordt in chunks, in betekenisvolle brokjes. Een drastische verandering in de manier waarop taal wordt onderwezen, waar Michael Lewis streefde, is er echter niet van gekomen.Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering
De studenten leren het Frans op een heel natuurlijke manier te gebruiken door met ‘chunks’ (brokjes taal); met ‘echte’ taal te werken. Zo ontstaat souplesse in het taalgebruik Frans.Het nadeel van deze leermethode van de leermethode is dat de werkelijkheid altijd weer anders is dan de aangeleerde taalsituaties. Sommige studenten hebben moeite om de patronen van het Frans zelf te leren herkennen en hebben meer aan een trainer Frans die hen de weg wijst, dan aan een docent taal-facilitator.
Series Method
Bedacht door wie en wanneer
De Series method, ofwel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) is in 1880 door de Fransman François Gouin ontwikkeld.Kenmerken van de Series Method
Een serie van verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en weinig kennis vereisen van grammatica, is het uitgangspunt van de seriemethode (The Series Method of language acquisition) van Gouin. Studenten leren zinnen op basis van een handeling, zoals het verlaten van een huis in de volgorde waarin deze zou worden uitgevoerd. Deze series of reeksen gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, wetenschap en beroep, vanuit het onderscheid tussen objectieve, subjectieve en figuurlijke taal ontwikkeld. In de François Gouin-serie wordt geen moedertaal gebruikt. Het is een soort eentalige manier van taalverwerving, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar uitgaat van ‘demonstreren’ en ‘handelen’, waardoor studenten al gauw denken in de doeltaal (bijvoorbeeld het Frans).Populariteit
De seriemethode van Gouin was zijn tijd ver vooruit. Ondanks de vrij afwijkende aanpak, was de seriemethode van Gouin enige tijd succesvol. De methode werd echter overschaduwd door Maximilian Berlitz’ Directe Methode.Voor- en nadelen van de Series Method
Gouin’s Series method ontwikkelt sterk de mondelinge vaardigheden Frans en creëert een natuurlijke, harmonieuze en gelijkwaardige sfeer in de taalles.De leermethode garandeert levendig onderwijs. Doordat de leermethode gebruikmaakt van visuele leermiddelen, zoals afbeeldingen, grafieken, enzovoort, wekt dit type taalonderwijs Frans enthousiasme van de studenten op. Het leren werd tastbaar; dit was iets dat totaal nieuw was. Het maakt studenten Frans nieuwsgierig, wat goed werkt om het leergeheugen te helpen ontwikkelen, de prestatiedruk te verminderen en het zelfvertrouwen te verbeteren. de methode van François Gouin stimuleert de communicatieve taalvaardigheden Frans van de lerenden sterk.
Het nadeel van de leermethode is dat taal die wat subjectiever of abstracter is, wat moeilijk met beweging en expressie in één concrete ervaring is te vangen. Een bijkomend minpunt is de bewerkelijkheid voor de taaldocent, die immers een scala aan reeksen dient voor te bereiden. Ten derde richt de Gouin-seriemethode zich vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog vaak draait om examens die de lees- en schrijfvaardigheden toetsen.
Task-Based Language Teaching (TBLT)
Bedacht door wie en wanneer
Taakgericht taalonderwijs (Task-Based Language Teaching; TBLT) is ontwikkeld in de jaren tachtig van de vorige eeuw. De grondleggers zijn de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Michael H. Long en Graham Crookes.Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)
Het taakgericht taalonderwijs past binnen een Communicatieve Benadering/het Communicatief Taalonderwijs. De visie erachter is dat het verwerven van de te leren taal (zoals het Frans) geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te kunnen voeren. Lerenden krijgen motiverende taken voorgeschoteld, waarvoor taalkennis (Frans) vereist is. Om deze taken goed uit te voeren, is het nodig dat zij over woordenschat en regels van het Frans beschikken. Deze taken zijn zaken uit het dagelijks leven, zoals een e-mail schrijven, bellen met de klantenservice, een boodschap doen, een drankje bestellen of de krant lezen. De opdracht wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de lerende zich eerst op de taak voorbereidt, de taak vervolgens uitvoert en tot slot op de taak terugblikt. Studenten dienen samen te werken om de taken uit te kunnen voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken net boven het taalniveau Frans van de lerende liggen.Populariteit
Taakgericht onderwijs is vanaf het begin van de jaren negentig erg populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Taakgericht taalonderwijs de meest bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheid van de studenten (vooral de studenten met een achterstand) in het lager en secundair onderwijs te verhogen.Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching
Het taakgericht taalonderwijs (Frans) biedt duidelijke voordelen. Het is een activerende manier van werken, waarbij lerenden uitgedaagd worden om hun vaardigheid (Frans) te gebruiken. Mits de opdracht goed aansluit bij de student, is Task-Based Language Teaching een op de persoon gerichte, relevante en efficiënte aanpak. De studenten komen op een natuurlijke, dagelijkse manier in contact met het Frans en leren op deze manier authentieke Franse woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Bovendien leren studenten om samen te werken. Studenten ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.Als nadeel kan gezien worden dat de communicatie het belangrijkst is en niet zozeer de correcte vorm van het Frans, waardoor de studenten die niet zozeer precies leren.
De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)
Bedacht door wie en wanneer
Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse docententrainer en linguïst op het gebied van taalonderwijs Engels bedacht Dogme Language Teaching/Dogme ELT (de ‘Dogmabenadering’) in het jaar 2000.Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)
‘Dogme 95’; een stroming uit 1995 van een groep Deense filmmakers waaronder filmregisseur Lars von Trier, was de inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT). De deelnemers confirmeren zich bij het filmmaken aan 10 strenge regels (dogma’s). Deze dogma’s vormen samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity). Het Dogme-taalonderwijs werkt op een vergelijkbare manier. De aanhangers van de Dogme benadering zoeken naar een vorm van communicatief onderwijs van vreemde talen die niet door enig voorgedrukt materiaal is belast. Het beginnen van echte gesprekken over praktische items is het doeleinde van Dogme-taalonderwijs. Bij deze methode gaat het om communicatie als de inspirator van het leren. De Dogme-benadering is daarom een communicatieve aanpak voor het taalonderwijs. Deze methode wil onderwijs bieden zonder het gebruik van leerboeken of ander lesmateriaal en zich in plaats daarvan op de communicatie tussen docent en lerenden richt. Het Dogme-taalonderwijs kent 10 uitgangspunten (dogma’s), net als de Dogme-beweging in de film.Populariteit
Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, gaat Scott Thornbury ervan uit dat de parallellen met het taakgericht leren van een taal (zoals Frans) erop wijzen dat Dogme waarschijnlijk vergelijkbare resultaten oplevert.Voor- en nadelen van de Dogme benadering
Dat er nauwelijks voorbereiding nodig is, is een positieve bijkomstigheid voor taaldocenten Frans. De studenten zijn verantwoordelijk voor hun eigen leerproces en dit kan heel motiverend zijn. Voorspelbaar is de taalles Frans zo nooit. Dat zorgt voor spontane communicatie en verveling krijgt geen kans. Vrijwel alles kan in een Dogme-les worden besproken. Zo blijven studenten alert en betrokken.Daartegenover staat dat studenten zich iets ongemakkelijk kunnen voelen als ze zo weinig bij de hand worden genomen door de taaldocent. Voor deze manier van lesgeven zijn ook niet alle trainers Frans in voldoende mate flexibel. Dat studenten zich vaak dienen voor te bereiden op een specifiek examen Frans en het niet zeker is dat de hiervoor benodigde stof in de taallessen wordt behandeld, kan een ander minpunt vormen van de methode.
Growing Participator Approach (GPA)
Bedacht door wie en wanneer
The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld in het jaar 2007 door Language consultants Greg en Angela Thomson.Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)
Deze GPA-benadering is een alternatieve visie op het verwerven van een vreemde taal (zoals het Frans). Dat taal en cultuur niet los van elkaar kunnen worden gezien, is de primaire aanname van de GPA. Het gaat bij GPA om veel meer dan alleen het Frans; het doel is uitgroeien tot deelnemers aan het leven in de gastcultuur (van bijvoorbeeld Frankrijk). GPA gebruikt daarom de benaming ‘groeiende deelnemers’ in plaats van ‘taallerenden’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘docenten of leraren’. De Growing Participator Approach (GPA) vertoont gelijkenissen met, en is gedeeltelijk gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.De methode bestaat uit zes fasen van activiteiten. De activiteiten worden uitgevoerd door de lerende met een verzorger uit Frankrijk. Begrip is belangrijker dan productie. De focus ligt op de Franse woordenschat en de cultuur. Fase 1 is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. In fase 1 concentreert de ‘groeiende deelnemer’ zich op het luisteren en het non-verbale feedback geven.
Fase 2 van de zogenaamde leermethode is de zogenaamde ‘verhaalopbouwfase’. Deze fase neemt ruwweg 150 uur in beslag en nu beginnen de deelnemers ook Frans te produceren. In fase 3 van de leermethode ligt de nadruk op zogenaamde ‘gedeelde verhalen’. ‘Gedeelde verhalen’ zijn verhalen die over dagelijkse gebeurtenissen gaan, verhalen die tussen culturen worden gedeeld alsook verhalen die over gedeelde ervaringen gaan. Fase 4 van de methode is de fase van het zogenaamde ‘diepe delen’. De deelnemer en de verzorger beginnen nu meer diepgaande gesprekken te voeren over het leven in de Franse cultuur. In fase 5 van de methode begint de deelnemer zich op taalgebruik van moedertaalsprekers Frans te richten aan de hand van nieuws, televisie, films en literatuur. Het Frans dat voor het werk van de deelnemers is vereist, wordt ook geleerd. Fase 6 van de methode is de ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies Frans om.
Populariteit
Omdat de methode van Thomson nog redelijk nieuw is, is nog weinig bekend over het succes van de methode. Deelnemende studenten zijn enthousiast over de leermethode.Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach
Met de GPA-benadering wordt een duidelijke doorkijk geboden op het proces van de taalverwerving Frans. De zes afzonderlijke fasen bieden een duidelijk tijdspad alsook realistische doelen. Er wordt door de lerende niet alleen kennis verworven van het Frans, maar ook van de omgeving en de lerende verwerft eveneens een nieuw sociaal netwerk.Een nadeel van deze methode is dat voor elke deelnemer of elke kleine groep deelnemers een ‘verzorger’ gevonden moet worden die veel tijd wil investeren.
Shadowing Technique
Bedacht door wie en wanneer
De Shadowing technique, ook wel simpelweg Shadowing (‘schaduwen’) genoemd, is bedacht door Alexander Argüelles; een Amerikaanse polyglot en taalkundige in de vroege jaren 2000. Kenmerken van de Shadowing Technique
De techniek van Shadowing is een methode die studenten zelfstandig kunnen gebruiken om de uitspraak en intonatie (Frans) te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. Het werkt een eenvoudige methode: de lerende luistert naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhaalt wat hij of zij hoort. Het gaat in de eerste instantie om de klanken; de Franse tekst al begrijpen is niet belangrijk. Luisteren en daarna herhalen wordt net zo vaak geoefend totdat dit heel gemakkelijk gaat en de lerenden simultaan met de audio-opname Frans kunnen spreken. De student zal na enige tijd een transcript gebruiken om te kunnen lezen (en te begrijpen) wat hij of zij uitgesproken heeft. Veel leerboeken zijn geschikt voor deze techniek, zolang de boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten. De Franse audio-opnames dienen ideaal bezien wat boven het niveau van de lerende te zijn. De ideale lengte van een audio-opname is ongeveer één pagina, zonder kunstmatige pauzes en op natuurlijke snelheid. De aanbeveling van Alexander Argüelles is om te gaan lopen tijdens het spreken, liefst in de buitenlucht, en niet te gaan zitten, omdat fysieke bewegingen de opname versterken van de te leren taal (het Frans) in het zenuwstelsel. Dat de lerenden minder gauw worden afgeleid als zij in beweging zijn, zodat het leren van de Franse taal aanzienlijk effectiever gaat, is een andere reden.De techniek van Shadowing heeft veel gemeen met de audiolinguale methode uit de vorige eeuw, maar het verschil is dat bij de audiolinguale methode grammaticale drills werden gebruikt in plaats van dialogen of samenhangende teksten. Ook simultaan spreken is verschillend aan Shadowing.
Populariteit
Er is veel onderzoek gedaan de afgelopen jaren naar de methode van Shadowing dat aantoont dat de leermethodiek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van het Frans wordt vergroot. Voor- en nadelen van de Shadowing Technique
Het praktische pluspunt van Shadowing dat het in een groep lerenden kan worden gebruikt, waarbij alle deelnemers actief aan het leren zijn. De methode heeft een hoog rendement.De techniek van Shadowing heeft als nadeel is dat studenten het wellicht wat saai vinden om dezelfde Franse tekst steeds te blijven herhalen. De keuze van de tekst is dus van groot belang.
Total Physical Response (TPR®)
Bedacht door wie en wanneer
De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren zestig van de vorige eeuw.Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)
TPR® is een methode om talen (bijvoorbeeld Frans) te leren die op het principe is gebaseerd dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals kinderen hun moedertaal leren. Ouders geven voortdurend opdrachten aan hun jonge kinderen en belonen hen als ze die opdrachten uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoentjes maar aan”, enz.). In de eerste instantie is het de bedoeling dat het kind begrijpt wat de ouder zegt, het kind gaat in een later stadium verbaal reageren. De luistervaardigheid Frans vormt dus de basis, daarna komt de spreekvaardigheid.De methode van TPR® past deze principes van de moedertaalverwerving bij het leren van het Frans versneld toe. De docent geeft taken op een vriendelijke en begrijpelijke manier, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet zelf de taken voor; de lerenden doen deze taken na. In het begin wordt van de studenten nog niet verwacht dat zij Frans praten; de studenten geven in een later stadium de opdrachten. Opdrachten die bekend zijn worden uitgebreid of deels veranderd.
Door het combineren van bewegingen en spraak, appelleert de methode van TPR® aan beide hersenhelften. Hierdoor kost het minder moeite om iets te leren en het geleerde Frans beklijft ook beter.
Populariteit
Hoofdzakelijk wordt de methode van TPR® binnen het NT2-onderwijs gebruikt (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels taalonderwijs op de basisschool. Maar middelbare scholieren of volwassenen werken ook met veel plezier met TPR® en behalen hiermee goede resultaten.Voor- en nadelen van Total Physical Response
TPR® heeft veel voordelen. Doordat studenten veel begrijpelijke inbreng in ‘chunks’ krijgen aangeboden (woorden die bij elkaar horen), krijgen zij snel begrip van de nieuwe taal. De methode levert vlotte succeservaringen op. Dit bevordert het plezier in het leren van het Frans. Dit zorgt voor stressvrij leren. De methode van TPR® is in principe voor alle doelgroepen geschikt, ongeacht welke achtergrond of leeftijd en deze leermethode kan ook in wat grotere klassen gebruikt worden. Het geleerde Frans wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerende.De keerzijde van TPR® is dat niet elke taaluiting in TPR®-opdrachten is uit te drukken. Daarom werkt de methodiek tot op een zeker niveau en is een andere methodiek nodig als aanvulling. Daarnaast is de methodiek niet heel creatief. De studenten leren niet om meningen, gevoelens en ideeën in het Frans uit te drukken.
De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)
Bedacht door wie en wanneer
Eind jaren tachtig van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode, ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. Deze methode is als antwoord op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.Kenmerken van de Directe Methode (DM)
Een Reformbeweging met nieuwe ideeën over vreemde talen leren dat zelfontdekkend en inductief zou moeten zijn, ontstond omstreeks het jaar 1900. De Reformbeweging had overigens niet alleen betrekking op het leren van een taal, maar ook over voeding, kleding, natuurgeneeskunde en naturisme. Omstreeks 1900 streefden de mensen, net als in de jaren 60 van de vorige eeuw, naar meer natuurlijke manieren van leven en bevrijding van keurslijven. Er ontstond op het gebied van het taalonderwijs veel aandacht voor ‘levende’, gesproken taal. Hierbij werd de grammatica meer inductief aangeleerd, met voorbeeldzinnen. De studenten dienden de taalregels hieruit af te leiden. Er kwamen veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht voor de uitspraak van de taal (zoals het Frans). Studenten werden aangemoedigd veel Frans te spreken. Dat de les in het Frans werd gegeven, was ook nieuw. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. De (Franse) woordenschat werd aangeleerd door middel van plaatjes en voorbeelden. Abstracte vocabulaire werd door studenten aangeboden voor het associëren van ideeën.Populariteit
Mede onder invloed van de oorlogen en crises ebde deze vernieuwingsgolf van het begin van de twintigste eeuw weg, om in de jaren zestig weer een andere vorm te krijgen.Taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz werken nog steeds met een (moderne versie van) de Directe Methode.
Voor- en nadelen van de Directe Methode
Dat het een vrij natuurlijke manier van leren is, is het voordeel van de Directe Methode. Luisteren en spreken worden uitgebreid behandeld. Hierdoor ontwikkelen de studenten zelfvertrouwen en vloeiendheid. Deze Direct Methode heeft echter ook keerzijden. Voor schrijfvaardigheid (Frans) is bij deze methode nauwelijks aandacht en voor lezen in de vreemde taal minder. Deze leermethode biedt voor de meer gevorderde lerenden Frans niet genoeg uitdagingen. Voor minder snel lerende studenten is de Directe Methode tevens niet heel bruikbaar, doordat deze methode op een daadkrachtige inzet vanuit de student is gestoeld.De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)
Bedacht door wie en wanneer
Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). An oral system of teaching living languages ging in herdruk in 2015.Kenmerken van de Manesca-methode
Manesca is gebaseerd op hetzelfde principe als de Natural Approach (‘natuurlijke aanpak’): de beste manier om een taal te leren, is de manier waarop een kind de moedertaal leert. Het leren van een taal (zoals Frans) dient veilig en gemakkelijk te zijn. Daarom wil Manesca niet werken met abstracte regels en lijstjes met Franse woorden die uit het hoofd geleerd dienen te worden.De Manesca-methode geldt als de vroegst bekende, volledige taalcursus. De leermethode is gebaseerd op het werken met een groep van studenten en een trainer Frans, die steeds één Frans woord tegelijk introduceert. Er hoort een specifieke beweging bij het woord. Het Franse woord en de bijbehorende beweging worden daarna door de studenten na elkaar herhaald. Deze herhaling helpt de lerenden hhet Franse woord te onthouden, zonder dat uit het hoofd leren nodig is. Stap voor stap worden de woorden zinnen en vervolgens variaties op de Franse zinnen. In een later stadium wordt met leesteksten Franse spelling aangeboden.
De Manesca-methode is reeds een aantal jaren later overgenomen en aangepast door grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff en staat dan ook wel als de Ollendorff-methode bekend.
Populariteit
Manesca overleed twee jaar na de publicatie van zijn leermethode. Het werk van Manesca is door anderen overgenomen en verder ontwikkeld, onder wie Ollendorff. Veel van de ideeën van Manesca zijn actueel en worden nog steeds toegepast in het moderne vreemdetalenonderwijs.Voor- en nadelen van de Manesca-methode
Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode is het combineren van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen meewerkt en het geleerde gemakkelijker en langer kan worden onthouden. Het veelvuldige herhalen draagt daar ook aan bij. Dat het wat saai kan worden om dezelfde Franse woorden en zinnetjes te blijven herhalen, kan door studenten als een nadeel worden ervaren.Silent Way
Bedacht door wie en wanneer
The Silent way (‘de stille manier’) is ontwikkeld door de Egyptenaar Caleb Gattegno in het jaar 1963.Kenmerken van de Silent Way
De stille manier is een taalleermethode (voor bijvoorbeeld Frans) die gebruikmaakt van stilte als instructiemiddel. Gattegno’s methode gaat uit van de autonomie van de student en diens actieve deelname.De trainers Frans gebruiken een combinatie van stilte en gebaren om de aandacht te trekken van de lerenden, reacties uit te lokken en ze aan te moedigen om foutjes te verbeteren. Veel tijd wordt aan de uitspraak (Frans) besteed.
Gattegno, die wiskundige was, vond het belangrijk om taalles te geven op een wijze die efficiënt was voor de voorraad energie van de lerenden. Hij ontdekte dat het in verhouding weinig energie kost om een visueel of auditief beeld te onthouden, veel minder dan wanneer studenten proberen iets uit het hoofd te leren. Caleb Gattegno verklaarde dat trainers niet zozeer dienen te streven naar kennisoverdracht, maar bewustzijn aan dienen te boren, want alleen bewustzijn maakt het mogelijk om iets te kunnen leren.
Gekleurde blokken die voor allerlei dingen kunnen worden gebruikt, zijn één van de hulpmiddelen die The Silent Way hierbij gebruikt. Ook maakt de methodiek gebruik van Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor geluiden waarbij elke kleur voor een bepaalde klank van het Frans staat, gekleurde woordgrafieken om aan zinnen te werken en gekleurde grafieken die gebruikt worden om spelling te leren.
Populariteit
Gattegno’s ideeën zijn van belang geweest, met name bij het aanleren van de uitspraak van het Frans, hoewel The Silent Way in zijn originele vorm niet veel wordt gebruikt.Voor- en nadelen van de Silent Way
Dat zijn benadering niet-bedreigend is voor de lerende, die tenslotte gezien wordt als autonoom, is de sterke kant van de methodiek van Gattegno. De docent Frans is in feite aan de lerenden dienstbaar, niet andersom. Met de leermethodiek van The Silent Way wordt het leren op een natuurlijke wijze gestimuleerd. Vaak wordt het geleerde goed verwerkt en onthouden door de lerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken. Foutjes maken mag, wat helpt bij het leerproces.Het feit dat sommige lerenden wat meer begeleiding nodig hebben dan de leermethode beoogt, kan een nadeel van de leermethode zijn. De lerenden worden mogelijk gefrustreerd door het gebrek aan inbreng van de docent Frans. Met kleuren en grafieken werken, heeft als beperking dat de nieuwheid er snel af gaat. Hierdoor kan verdwijnen het effect.
TPR Storytelling
Bedacht door wie en wanneer
TPR Storytelling of ‘TPRS’ houdt in Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De TPRS-methode is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, van oorsprong een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-methode (Total Physical Response) voort.Kenmerken van TPR Storytelling
De TPRS-methode is een talenverwervingsmethode die verhalen gebruikt om vreemde talen (bijvoorbeeld Frans) te leren. Het principe is een natuurlijke methode van taalverwerving: de taal leren zoals kinderen hun moedertaal leren. Om dit te bereiken, worden lerenden blootgesteld aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input. De docent Frans vertelt een verhaal aan de studenten, waarin nieuwe Franse woorden meerdere keren voorkomen. De verhalen zijn interessant of humoristisch en nooit te lang. Studenten ontspannen zich doordat de verhalen van de docent eenvoudig zijn te begrijpen. Franse woorden en structuren worden zo ongemerkt opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerenden. De lerenden worden door de trainer op grammaticale verschijnselen van het Frans gewezen, zonder dat lerenden regels van het Frans uit het hoofd hoeven te leren.De studenten zullen na enige tijd ‘automatisch’ Frans beginnen te spreken en de Franse grammaticale structuren imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een alternatief is om samen met een groep studenten een verhaal op te bouwen. Hierbij schrijft de trainer Frans eerst nieuwe woorden en structuren op een bord of flipchart, met de Franse vertaling erbij, om daarna samen met de lerenden hier een verhaal van te maken. Tot slot vertellen de studenten het verhaal na. Lezen in het Frans is een belangrijk deel van TPR Storytelling, doordat dit voor input zorgt. In een later stadium volgt schrijven in het Frans.
Populariteit
Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een geslaagde manier is om een taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de setting moet geschikt zijn en de taaldocent moet ervoor getraind zijn.Voor- en nadelen van TPR Storytelling
TPR Storytelling is een laagdrempelige wijze van taalverwerving en het geleerde wordt grondig verworven. Omdat TPRS ook aan de creatieve intelligentie appelleert, is TPRS een vorm van breinvriendelijk leren. Het is plezierig voor studenten en het is niet moeilijk om de aandacht erbij te houden. Voor de lerenden werkt het heel motiverend om zelf een verhaal te verzinnen.Een minpunt is dat TPR Storytelling veel voorbereiding van de taaldocent vraagt.
COMMERCIËLE METHODES VOOR ZELFSTUDIE
De Rosetta Stone methode
Bedacht door wie en wanneer
De Rosetta Stone-leermethode is naar de zogenaamde de Steen van Rosetta vernoemd, een steen met een tekst in twee talen die in Egypte werd ontdekt, waarmee de hiërogliefen konden worden ontcijferd. Het is ook de naam van het softwarebedrijf dat de taalcursussen op de markt brengt. De eerste versie van deze methode is in het jaar 1996 uitgebracht.Kenmerken van de Rosetta Stone methode
De Rosetta Stone cursus is een methode om met behulp van een computer een vreemde taal (bijvoorbeeld Frans) te leren. Deze taalcursussen zijn beschikbaar in ruim dertig verschillende talen en de cursussen zijn te volgen vanuit al deze talen.De Rosetta Stone-methode is een communicatieve leermethode, die de manier nabootst waarop kinderen hun moedertaal leren. Dat wil zeggen ‘leren door middel van onderdompeling’, door veel te luisteren en na te zeggen. Het programma gebruikt hier stemmen van moedertaalsprekers Frans alsook foto’s voor om de betekenis van nieuwe woorden in de doeltaal (het Frans) over te brengen. Er is een spraakherkenningsprogramma. Dit programma registreert de Franse uitspraak en maakt hier een schematische weergave van. De lerende kan zo zijn of haar uitspraak van de nieuwe taal met die van een moedertaalspreker Frans vergelijken. Door de voorbeeldstem minder snel te laten praten en daarna veel na te spreken, kan uitspraakverbetering bereikt worden.
Voor de schrijfvaardigheid Frans biedt de methode dictee-oefeningen. De software controleert de Franse spelling en grammatica en geeft eventuele taalfouten aan, waarbij taalfouten van de lerende kunnen worden gecorrigeerd.
Het programma omvat eveneens leesteksten. De teksten gaan over dagelijkse onderwerpen, activiteiten en ideeën.
Populariteit
Wereldwijd wordt Rosetta Stone veel gebruikt, ook door grote en bekende organisaties. Onder meer de NASA en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse zaken gebruiken de methode van Rosetta Stone. Rosetta Stone wordt in ons land ingezet door enkele ministeries en veel universiteiten en hogescholen, alsook door sommige internationaal opererende bedrijven.Voor- en nadelen van de Rosetta Stone methode
De Rosetta Stone-methode is erg eenvoudig in het gebruik en lerenden kunnen de methode op ieder moment gebruiken. Welke delen van de leermethode meer of minder aandacht kunnen gebruiken, kan de student zelf bepalen. Veel studenten vinden het plezierig om te werken met de leermethode. Bij een gebrek aan taaldocenten kan de Rosetta Stone-methode voor onderwijsinstellingen een oplossing bieden. Het feit dat er geen trainer is die studenten motiveert of wat extra’s kan bieden, is een minpunt.De Pimsleur methode
Bedacht door wie en wanneer
De Pimsleur taalcursussen zijn Amerikaans taalkundige Paul Pimsleur ontwikkeld. De eerste taalcursus van Pimsleur was een cursus Grieks, die hij introduceerde in 1963.Kenmerken van de Pimsleur methode
De methode van Pimsleur is een computerprogramma om vreemde talen (bijvoorbeeld Frans) te leren.De cursus bestaat uit zinnen/dialoog die door lerenden worden nagesproken en herhaald. De Franse zinnen zijn ingesproken door native speakers (moedertaalsprekers). De cursus is gebaseerd op herhaling, anticiperen, woordenschat en herhaling. De les van de cursus omvat een audio-opname van een half uur die nieuwe vocabulaire en structuren bevat in het Frans. De methode van Pimsleur legt de grammaticale structuur van het Frans niet uit maar biedt de grammaticale structuur aan door middel van uitbreiding van, en variaties op, de zinnetjes.
Dr. Pimsleur heeft het optimale interval onderzocht waarmee geleerde informatie overgaat van het kortetermijngeheugen naar het langetermijngeheugen. Dit (gemiddelde) interval is in de cursussen van Pimsleur verwerkt.
Populariteit
Onder andere in Amerika worden de cursussen van Pimsleur gebruikt en de ervaringen met de methode variëren. Over het algemeen zijn lerenden tevreden over de aangeleerde uitspraak van het Frans.Voor- en nadelen van de Pimsleur methode
De methode van Pimsleur werkt erg goed als uitspraakverbeteraar, omdat de insprekers allemaal native speakers (moedertaalsprekers) zijn en op een natuurlijke manier Frans praten in een normaal tempo.Een keerzijde van de methode is dat niets uitgelegd wordt. De gebruikers leren geen bouwstenen van de Franse taal om zelf een zin te maken, maar moeten het met duizenden voorbeeldzinnen doen die uit het hoofd worden geleerd.
De Michel Thomas methode
Bedacht door wie en wanneer
De Michel-Thomas-methode is bedacht, niet verwonderlijk, door Michel Thomas (geboren als Moniek Kroskof); een genaturaliseerde Amerikaandie oorspronkelijk in Polen is geboren. Kort na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde hij zijn methode in een eigen taleninstituut in Beverly Hills in Los Angeles, die beroemdheden als Barbra Streisand, Diana Ross, Mel Gibson, Emma Thompson, Bob Dylan en Pierce Brosnan tot de klantenkring kan rekenen.Kenmerken van de Micheal Thomas methode
Het principe van Michel Thomas was dat iemand alleen in staat is om te leren als diegene geen stress heeft. Hij maakte zijn lerenden duidelijk dat ze zich geen zorgen hoefden te maken dat ze iets zouden vergeten.De taalcursussen zijn audiolessen (Frans), ingesproken door twee acteurs; een mannelijke acteur en een vrouwelijke acteur. De setting bij Michel Thomas is een virtueel klaslokaal, waarin de student zich voorstelt als de derde student. Deze student luistert mee met de lessen van de acteurs. Wanneer de stemacteurs een vraag wordt gesteld, is het idee dat de gebruiker op de pauzeknop drukt en deze vraag eerst zelf beantwoordt. Er zijn geen huiswerkopdrachten, geen uit-het-hoofd-leren. De lessen worden in kleine stappen opgebouwd en nieuwe Franse lesstof wordt met reeds bekende Franse lesstof afgewisseld. De uitleg wordt in de Engelse taal gegeven. Er wordt bijvoorbeeld op eventuele verbanden gewezen tussen de talen. De methode geeft ook grammaticale uitleg. Bij de methodiek van Michel-Thomas wordt makkelijke lesstof eerst aangeleerd, moeilijkere lesstof volgt pas nadat de makkelijke stof door de student Frans begrepen en verworven is. Naast Franse woorden en zinnetjes in de doeltaal worden eveneens bouwstenen aangeleerd zodat de lerenden zelf zinnetjes kunnen maken. De leermethode maakt ook gebruik van flashcards zodat gebruikers zelf hun vocabulaire Frans kunnen toetsen alsook online oefeningen kunnen maken om hun eigen vooruitgang te meten.
Populariteit
Veel lerenden zijn over het algemeen tevreden over de uitleg van de structuren van het Frans en vinden de methode van Michel Thomas prettig werken. De gebruikers die wat verder zijn met de taal, vinden de methode van Michel Thomas soms minder zinvol.Voor- en nadelen van de Micheal Thomas methode
De taalcursus is erg toegankelijk en traint luistervaardigheid en uitspraak Frans op efficiënte wijze. Het feit dat deze cursussen Frans niet in schrijfvaardigheid voorzien, kan als een keerzijde worden gezien. Ook is er geen echte interactie doordat de Michel Thomas-methode uit een audiocursus bestaat.De Assimil methode
Bedacht door wie en wanneer
Assimil is een Frans bedrijf, dat in 1929 door polyglot en schrijver Alphonse Chérel is opgericht. Het bedrijf Assimil maakt en publiceert taalcursussen. Dit begon met hun eerste boek Anglais sans Peine.Kenmerken van de Assimil methode
‘Assimileren’ of ‘assimilatie’ betekent letterlijk ‘mengen met, opgaan in de andere groep’. Dit was wel een hooggegrepen uitgangspunt voor taalcursussen (zoals Frans) is. De cursussen van Assimil zijn zelfstudielessen die uit een lesboek Frans, audio-CD’s en een USB-stick bestaan. De lerenden besteden bij voorkeur ongeveer twintig minuten per dag aan de taalcursus.De taallessen bestaan uit Franse dialogen die beluisterd, nagesproken en gelezen worden. De Franse vertaling staat naast deze dialoog, alsook de grammaticale uitleg. Voor het oefenen van de uitspraak van het Frans, maakt Assimil gebruik van zinnetjes die door native speakers zijn ingesproken en die de cursist herhaalt. De opbouw van de les is van receptief naar productief: tijdens de eerste lessen wordt nog geen taalproductie verwacht van de gebruiker; dit komt pas na ongeveer 50 lessen.
Populariteit
De Assimil-cursussen zijn gewaardeerd. Ze zijn betaalbaar en er is een ruim aanbod aan verschillende talen.Voor- en nadelen van Assimil
Dat de cursist Frans in zijn of haar eigen snelheid kan leren op het moment dat dit het beste past, is het voordeel van de Assimil-methode. De keerzijde hierbij is, wat geldt voor alle computertaalcursussen, dat de cursist op zichzelf is aangewezen. Er is geen taaldocent Frans om de studenten te begeleiden of te motiveren.ALGEMENE LEERMETHODES
Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)
Bedacht door wie en wanneer
De audiolinguale methode was al in de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw in Amerika en in Engeland ontwikkeld, onder andere door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was het noodzakelijk om (Amerikaanse) soldaten van elementaire verbale communicatieve vaardigheden te voorzien. Hierdoor werd deze audiolinguale methode soms de ‘legermethode’ genoemd.Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)
De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een antwoord op de grammatica-vertaalmethode. Een nieuw verschijnsel was dat de lessen geheel in de doeltaal (bijvoorbeeld Frans) werden gegeven. Kunnen spreken en luisteren (in het Frans) zijn de belangrijkste vaardigheden en de (Franse) grammaticale structuren worden geleerd middels mondelinge structuuroefeningen. De bedoeling is zonder fouten Frans leren spreken en verstaan, wat bij een Franssprekende leren naspreken, begint. Herhaling is het middel hiervoor; er wordt gewerkt met driloefeningen om Franse zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en automatisch gaan worden. De trainer Frans kan zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien keer herhalen en daarna een extra Frans woord toevoegen. Bij de audiolinguale methode wordt vaak gewerkt in de zogenaamde talenpractica, waarbij studenten Frans een hoofdtelefoon op hebben en zinnen beluisteren en naspreken. Het geschreven Frans wordt pas behandeld zodra het mondelinge Frans vertrouwd is geworden. Afbeeldingen worden wel gebruikt om nieuwe Franse woorden te introduceren.Populariteit
In Nederland werd de methode pas geïntroduceerd rond het jaar 1970 bij het ingaan van de Mammoetwet. Er kwamen al snel bezwaren tegen deze inhoudsloze driloefeningen. Het gebeurde wel eens dat de techniek haperde, waardoor de talenpractica vrij gauw in onbruik raakten. In plaats van de talenpractica werden de mondelinge structuuroefeningen schriftelijk gemaakt. Leerboekenschrijvers namen de markt weer over en boden zoals gebruikelijk expliciete grammaticaregels aan. Toch heeft de audiolinguale methode haar sporen nagelaten. Nu was alom geaccepteerd dat het bij een taal (zoals Frans) leren niet om het memoriseren van de (Franse) grammaticaregels gaat, maar om de toepassing van de grammatica. Luistervaardigheid (Frans), die vóór de jaren zeventig voor het merendeel van docenten niet bestond, was ontdekt.Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method
De audiolinguale methode is voor beginnende studenten Frans effectief. Direct vanaf het begin wordt de correcte uitspraak Frans aangeleerd. Deze audiolinguale methode is docentgestuurd en kan daardoor een vlotte en efficiënte overdracht van de kennis van de taal bieden. De audiolinguale methode kan ook bij grotere groepen worden toegepast.De docentgestuurde kant is tegelijkertijd een nadeel; er wordt geen eigen input van de lerenden verwacht. Hierdoor ligt het gevaar van passiviteit en onvoldoende betrokkenheid en motivatie op de loer. Een ander bezwaar is dat de geoefende driloefeningen niet zo gemakkelijk in levend taalgebruik Frans om te zetten zijn.
GoldList Method (GLM)
Bedacht door wie en wanneer
De GoldList Method (‘gouden lijst-methode’) is door David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey ontwikkeld.Kenmerken van de GoldList Method (GLM)
De GoldList Method is een methode om woorden of zinnen in een vreemde taal (bijvoorbeeld Frans) op een zodanige manier te leren dat deze opgeslagen worden in het langetermijngeheugen. De methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten (Frans) die nadien herhaald worden. Deze Franse zinnen of woorden van de woordenlijst worden door de studenten hardop gelezen. De bedoeling is niet om al deze woorden of zinnen uit het hoofd te leren, maar dit eigenlijk gebeurt automatisch door de blootstelling. De woordenlijst wordt steeds veranderd; Franse woorden die zijn aangeleerd, worden van de lijst verwijderd. De Franse woorden die nog altijd problemen opleveren, blijven staan.Populariteit
Aanhangers van de GoldList Method claimen dat deze woorden en zinnen in het Frans spontaan in het langetermijngeheugen van de lerende opgeslagen worden,. Dit wordt door veel geheugenwetenschappers bestreden. Volgens deze geheugenwetenschappers wordt (taal)kennis in het algemeen opgeslagen wanneer deze ook relevant en betekenisvol is. De GoldList-methode kan dus alleen werken voor Franse woorden en zinnen die van betekenis en relevant zijn voor de lerende.Voor- en nadelen van de GoldList Method
Bij studenten die voordeel hebben bij bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteun zou deze GoldList-methode goed kunnen werken. Met de hand schrijven functioneert effectiever dan typen of, redelijk zinloos: een fotootje maken, omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt. Een minpunt van deze methode is het ontbreken van context. Taal bestaat uit veel meer dan alleen een serie losse woorden en zinnen. Daarnaast is deze methode nogal tijdrovend omdat steeds handgeschreven lijsten moeten worden aangelegd.De Natural Method
Bedacht door wie en wanneer
De Natural Method, ook wel de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genoemd, is door de Amerikanen Tracy Terrell en Stephen D. Krashen in 1983 ontwikkeld.Kenmerken van de Natural Method
De Natural Method is gericht op een natuurlijke manier van taalverwerving (van bijvoorbeeld Frans). De leermethode probeert het Frans te leren op de manier waarop iemand als kind zijn of haar moedertaal leerde spreken. De taalregels van het Frans leert men ook onbewust op die wijze. Alleen het Frans met de nodige visuele hulpmiddelen wordt hiervoor gebruikt. Het streven is een leeromgeving zonder stress. Een grote hoeveelheid begrijpelijke input wordt aan de studenten blootgesteld. De taalproductie Frans wordt niet geforceerd, maar mag spontaan ontstaan. De nadruk ligt op communicatie en minder op het corrigeren van vormfouten en expliciete Frans grammatica.De leermethode heeft het meeste rendement als de lerende wordt ondergedompeld in het Frans. De leeractiviteiten in het Frans moeten stimulerend zijn zodat de studenten plezier van de ervaringen hebben.
De Natural Method leermethode heeft vrij veel overeenkomsten met de Directe Methode. De leermethoden gaan beide uit van het idee van natuurlijke taalverwerving; het verschil tussen de beide methoden is dat bij de Directe Methode meer de nadruk op de praktijk wordt gelegd en bij de Natural Method meer op de blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.
Populariteit
Het feit dat onderdompeling zeer effectief is, is al veelvuldig aangetoond. Omdat de natuurlijke aanpak vrij eenvoudig is om te begrijpen, is de methode een populaire manier van lesgeven onder taaldocenten Frans. Minpunten heeft de natuurlijke aanpak ook. De nadruk wordt vooral gelegd op het impliciet aanleren van de grammatica van het Frans. Studenten zouden weliswaar leren om te communiceren, maar blijven hangen in een wat gebrekkige, versimpelde versie van het Frans door ontoereikende kennis van de grammatica.Voor- en nadelen van de Natural Method
Om op een natuurlijke manier een taal aan te leren, wordt prettig gevonden. Lerenden krijgen de kans om een persoonlijke band met het Frans op te bouwen. Doordat er niet ‘uit het hoofd geleerd hoeft te worden’, beklijft het geleerde Frans langer.Het nadeel kan zijn dat het wat langer duurt voor er resultaat geboekt wordt, doordat bijna geen druk ligt op de taalproductie. Ook bereidt de methode de lerende niet per se voor op een specifiek Frans examen.
Structurele Aanpak
Bedacht door wie en wanneer
De ‘Structurele Aanpak’ (Engels: Structural Approach; ‘SA’) is in de jaren 50 ontwikkeld door Charles Carpenter Fries en Robert Lado.Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)
Deze Structurele Aanpak is een taalverwervingsmethode met als doel de student vertrouwd te maken met de grammaticale en fonologische structuren van de taal (bijvoorbeeld het Frans). De beheersing van deze structuren levert volgens de SA meer op dan de verwerving van woordenschat Frans. Het draait om het herkennen en kunnen toepassen van vaste combinaties van Franse woorden en woordgroepen in de juiste woordvolgorde. Deze combinaties worden aangeboden aan de student in reële situaties met gebruik van visualisatie, dramatisering, gezichtsuitdrukking en handelingen. De structuren die het vaakst in het Frans worden gebruikt, worden als eerste geleerd. De mondelinge vaardigheid Frans (luisteren en spreken) wordt hier in eerste instantie bij gebruikt; daaruit volgen lezen en schrijven. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid Frans (spreken en schrijven), krijgt de grammatica een grote plaats. De Structurele Aanpak wordt ook wel Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) genoemd.Populariteit
In de jaren vóór 1970 werd de Structurele Aanpak gebruikt op grote schaal om Engels te leren in Engelssprekende landen, voormalige Britse koloniën en in Maleisië.Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak
Het voordeel van een structurele aanpak is dat de studenten het Frans op een nauwkeurige manier geleerd wordt. De studenten krijgen inzicht in de grammatica van het Frans en leren in welke situaties bepaalde Franse woorden of woordcombinaties wel of niet passend zijn. De methode van de Structural Approach gebruikt alledaagse taal. De Structural Approach heeft ook minpunten. De manier van werken is tamelijk tijdrovend en zorgt niet direct voor succeservaringen. De eigen input van studenten is gelimiteerd; het is niet erg creatief.Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)
Bedacht door wie en wanneer
Communicatief taalonderwijs (In het Engels: Communicative Language Teaching, afgekort: CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (In het Engels: Communicative Approach, afgekort: CA) genoemd, is in de jaren 60 van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van Noam Chomsky, die de nadruk op competenties bij het leren van een taal legde. Amerikaans taalkundige Dell Hymes was de grondlegger in 1966 van het concept van communicatieve vaardigheden.Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)
Het communicatief talenonderwijs gaat uit van de opvatting dat interactie het uiteindelijke doel is bij het leren van een vreemde taal (zoals Frans).De studenten leren het Frans in de praktijk te brengen met gebruik van CLT-technieken door de interactie met de docent Frans en met elkaar. Teksten, geschreven in het Frans of ander materiaal uit de werksituatie en/of het dagelijks leven worden gebruikt. Het Frans wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.
Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de taaldocent Frans draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid Frans in diverse realistische situaties te oefenen. Franse grammatica leren studenten inductief, dit betekent aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.
Bij CLT is de taaldocent Frans echt een trainer, die de lerende helpt communiceren in de Franse taal.
Populariteit
De CLT werd heel populair in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw, mede doordat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol bleken. Door de verdere eenwording van Europa was er meer behoefte om een taal te leren op een wijze die direct toepasbaar was.Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs
Het communicatief taalonderwijs heeft veel voordelen. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in het Frans; deze methode van leren is functioneel en studentgericht. Doordat authentiek materiaal wordt gebruikt, leren studenten de Franse woorden die zij nodig hebben. De methode is efficiënt. Deze methode werkt voor de lerende stimulerend, omdat hij of zij vlug succes ervaart. Foutjes mogen worden gemaakt; de vaardigheden wordt al doende geleerd en geperfectioneerd. Een keerzijde van de communicatieve benadering is dat er veel minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet direct toepasbaar is en de uitspraak. Het voorbereiden en plannen vereist veel meer tijd van de trainer en vraagt een actieve deelname van studentent. Voor een aantal lerenden is deze manier van een vreemde taal leren ongewoon of moeilijk, afhankelijk wat voor achtergrond zij hebben. CLT (communicatief taalonderwijs) traint de vaardigheden; hierbij gaat het om de functie en in mindere mate om de vorm en de methode biedt dan ook geen echt samenhangend geheel.Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)
Bedacht door wie en wanneer
Het taalonderwijs was in de 18de en de 19de eeuw vooral gefocust op praktisch taalgebruik. Men leerde om gebruiksklare zinnetjes, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, woordenlijsten etcetera na te spreken, uit het hoofd te leren en vervolgens op te zeggen. Een Duitse docent Frans en Italiaans en eveneens lesboekenschrijver; Johann Valentin Meidinger, deed dit op een andere manier. Meidinger ontwikkelde rond 1783 een leermethode waarbij de grammatica centraal stond. Meidinger wordt als de grondlegger gezien van de grammatica-vertaalmethode (Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM).Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)
Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gebaseerd; de taal van de religie, de cultuur en de wetenschap. Dit onderwijs in het Latijn was natuurlijk gericht op geschreven teksten van klassieke schrijvers en was geheel gericht op vertalen en grammatica. Dat werd beschouwd als een degelijke en wetenschappelijke aanpak. De Grammatica-/vertaalmethode gaat van de analyse uit van de taalvormen en de taalstructuren (van bijvoorbeeld Frans) waarbij de lerende inzicht ontwikkelt. De lees- en schrijfvaardigheid Frans dus belangrijk bij de Grammatica-vertaalmethode. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten in het Frans hebben de nadruk. De taaltrainer draagt kennis Frans over, de student memoriseert.Populariteit
Al vanaf halverwege de negentiende eeuw waren er ook tegengeluiden te horen. Desondanks heeft tot recente datum de grammatica-/vertaalmethode een grote invloed gehad op het taalonderwijs.Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode
De grammatica-/vertaalmethode is een aardige mentale training voor diegenen voor wie het een uitdaging is om dingen uit het hoofd te leren. Deze methode biedt ook inzicht in de structuur van het Frans, doordat de nadruk gelegd wordt op de grammatica.Er zijn echter meer keerzijden dan positieve kanten. De belangrijkste keerzijde is dat de spreek- en luistervaardigheid Frans ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studie zelden mondeling kan worden toegepast. De methode staat ver van het dagelijks gebruik van het Frans af, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het over het algemeen om literair taalgebruik gaat. Bij het leren in een groep biedt de leermethode niet de mogelijkheid tot differentiatie of een eigen creatief proces bij studenten. De lerenden fungeren alleen als toehoorders en uitvoerders.
Onderdompeling (Engels: immersion)
Bedacht door wie en wanneer
Sinds de jaren 70 wordt de leermethode ‘onderdompeling’ (In het Engels: language immersion) wereldwijd gebruikt, voornamelijk op middelbare scholen waarbij een schoolvak (zoals wiskunde) in de vreemde taal wordt onderwezen. In Nederland is ‘onderdompeling’ ook wel bekend als de methode die wordt toegepast bij onze bekende collega’s van Taleninstituut Regina Coeli in Vught, ‘de nonnen van Vught’. De methode is daar ontstaan in 1963 met Franse nonnen die Franse les gaven aan rijke dames uit Vught en omgeving.Kenmerken van onderdompeling
Onderdompeling zorgt ervoor dat degene die de taal (zoals het Frans) leert, direct vanaf het eerste moment door de te leren taal wordt omgeven. De instructies worden gegeven in de doeltaal (Frans); eerst langzaam en met veel herhaling, later op een meer natuurlijke wijze. Vanaf het begin wordt de student ook uitgedaagd om in het Frans te spreken. De methode werkt met simulaties en rollenspellen. Op onderwijsinstellingen die werken met onderdompeling, wordt veelal de omgeving in de stijl van het Frans ingericht om een situatie te creëren alsof de studenten in Frankrijk zijn. De studenten oefenen één-op-één of in een klein groepje met Frans spreken. Een andere wijze om onderdompeling te bereiken, is naar Frankrijk te reizen en daar in een gastgezin te verblijven.Populariteit
De methode van onderdompeling wordt beschouwd als een heel goede methode om vreemde talen te leren. Met name de mondelinge taalbeheersing Frans kan op deze manier uitstekend worden aangeleerd.Voor- en nadelen van onderdompeling
Het belangrijkste voordeel is dat deze methode snel resultaat laat zien, doordat de methode zo intensief is. Het is ‘sink or swim’, de studenten moeten wel gaan communiceren in het Frans omdat zij erdoor worden omgeven. De student is feitelijk 24 uur per dag Frans aan het leren. De sociale interactie wordt versterkt door het samen oefenen in groepen. Lerenden ervaren dat als motiverend.Een nadeel is dat het bereikte resultaat niet altijd vastgehouden wordt. Als studenten in een korte tijd Frans leren, door in Frankrijk te zijn of door te zijn ondergedompeld in een kunstmatig gecreëerde omgeving, maar vervolgens weer overgaan tot de orde van de dag, is de kans groot dat het nieuw geleerde snel wegzakt. Een andere keerzijde kan zijn dat een dergelijke training Frans nogal intensief is. Niet alle studenten hebben genoeg conditie om deze methode van leren vol te houden.
Suggestopedie (Suggestopedia)
Bedacht door wie en wanneer
Suggestopedia is een methode om vreemde talen te leren uit de jaren 70 van de vorige eeuw. De leermethode is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.Kenmerken van Suggestopedie
Suggestopedia is op de kracht van de suggestie gebaseerd. Lozanov stelt dat positieve suggestie een voorwaarde is om (een vreemde taal; bijvoorbeeld Frans) te kunnen leren. Hiervoor is het van essentieel belang dat er een ontspannen sfeer en een wederzijds vertrouwen is tussen de lerenden en de docent (Frans). Hiervoor moeten studenten zich veilig voelen en ontspannen zijn. Leslokalen met rijopstellingen waren niet geschikt om dit te bewerkstelligen. Lerenden zaten in comfortabele stoelen in de lessen die werden geplaatst in een halve cirkel en er werd altijd muziek in de les gedraaid. De leermethode zoals Lozanov die beoogde, bestond uit het voorlezen van teksten, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden waren te horen. Er waren lijsten met woorden bij de teksten en opmerkingen met betrekking tot de (Franse) grammatica. Dit voorlezen werd gedaan met veel expressies in stem alsook gebaren. Op deze manier werden lerenden verleid om te luisteren en ze konden de (Franse) woorden die nieuw waren, gemakkelijk begrijpen en opnemen. Voor de cultuur en kennis over het land van de doeltaal (Frankrijk) was veel aandacht tijdens de lessen. Er werd met rollenspellen gewerkt en in de klas werden ook (Franse) streekgerechten gemaakt en geproefd.Populariteit
De leerleermethodiek Suggestopedie was omstreden en de leerleermethodiek is in de vergetelheid geraakt. Sommige elementen van Suggestopedia worden nog steeds gebruikt, bijvoorbeeld het gebruikmaken van stemexpressie en gebaren bij het lezen van teksten in de te leren taal.Voor- en nadelen van Suggestopedie
Suggestopedie creëert een veilige en ontspannen sfeer, waardoor de lerende geen last heeft van frustratie of faalangst. Voor een immigrant kan deze gemoedelijke sfeer bijdragen aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland. Vaak werkt muziek motiverend en draagt aan betere leerprestaties bij. Een ander voordeel van de methodiek is dat de lerende wordt gestimuleerd om actief mee te doen en zich in te leven in de situatie, wat voor sommige mensen een nieuwe ervaring is. Tegelijk vormt dit voor bepaalde lerenden een nadeel, omdat niet iedereen hiertoe in staat is. Ook kan muziek bij sommigen eerder afleiden en verstorend zijn in tegenstelling tot een ontspannende of stimulerende werking hebben. Een andere zwakke kant is dat de verhouding taaldocent-student niet gelijkwaardig is; alle input komt van de Franse taaldocent en de student is steeds de ontvangende partij.Community Language Learning (CLL)
Bedacht door wie en wanneer
De Amerikaanse priester en psycholoog Charles A. Curran ontwikkelde in het jaar 1976 Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning (CLL) genoemd.Kenmerken van Community Language Learning (CLL)
CLL (Community Language Learning) is een methode om een taal te verwerven waarbij de lerenden samenwerken om te bepalen welke aspecten van een vreemde taal zij willen leren. Deze CLL methode is gebaseerd op de counseling-benadering waarbij de taaldocent fungeert als een counselor die de zinnen van de lerenden omschrijft. De studenten beginnen het gesprek. Zij spreken in de moedertaal als de studenten de doeltaal (Frans) nog niet genoeg machtig zijn. De trainer (Frans) vertaalt en geeft uitleg, waarna de lerenden de uitingen van de trainer zo goed mogelijk herhalen. Deze gesprekken in het Frans worden opgenomen om daarna opnieuw te beluisteren.De CLL stimuleert het gemeenschapsgevoel in de leergroep en de methode ziet de interactie tussen de lerenden als middel om het Frans te leren. Er wordt geen lesboek Frans gevolgd; de studenten bepalen zelf de inhoud van de les middels zinvolle gesprekken.
Populariteit
Het succes van de methode hangt grotendeels af van de expertise van de docent-counselor. Bij deze methode dient de trainer naast sociaal-cultureel kundig ook taalkundig te zijn onderlegd. De trainer dient zowel het Frans als de moedertaal van de lerenden erg goed te beheersen om de taaluitingen van de lerenden te kunnen vertalen. De methode kan goed werken indien deze correct toegepast wordt. Voor grote klassen is deze methode niet bruikbaar.Voor- en nadelen van Community Language Learning
De methode biedt de lerenden een hoge mate van autonomie. Vaak vinden lerenden het analyseren van de eigen gesprekken zinvol. De leergroep wordt vaak zeer hecht, niet alleen tijdens de lessen Frans, maar eveneens daarbuiten. Met CLL worden lerenden zich veel bewuster van de groepsgenoten, de sterke en minder sterke punten en leren als team samen te werken. Van het bespreken door de fouten en het evalueren van de taalles Frans leren studenten veel. Vaak blijven dergelijke correcties in het geheugen gegrift en worden deel van de actieve woordenschat van studenten.Dat de trainer niet sturend is, ondanks dat een aantal lerenden wel sturing nodig heeft, kan een nadeel zijn. Bij CLL wordt geen leerboek gebruikt en ook geen toetsen Frans gehouden. Het succes van de taallessen is hierdoor moeilijk meetbaar. Een aantal lerenden wordt in hun Frans spreken belemmerd als zij opgenomen worden.
Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)
Bedacht door wie en wanneer
De Lexicografische benadering (Engels: Lexical Approach; LA) is een methode om een taal te leren ontwikkeld door Michael Lewis in de vroege jaren 90 van de vorige eeuw.Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)
De lexicografische benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk deel van het leren van een vreemde taal (zoals het Frans) bestaat uit het begrijpen en het produceren van ‘lexicale eenheden’. Dit zijn brokjes taal die bestaan uit (Franse) woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Studenten verwerven al doende inzicht in de patronen van het Frans (grammatica) en betekenisvolle groepen woorden. Ze leren hoe het Frans ‘in het echt’ wordt gebruikt. De woordenschat Frans neemt bij deze benadering een grotere plaats in dan de Franse grammatica. Instructies zijn gericht op situaties en Franse uitdrukkingen die regelmatig voorkomen in dialogen. Er wordt aandacht geschonken aan interactie maar ook aan exposure; aan de zogenaamde receptieve vaardigheden van de student (luisteren en begrijpen, lezen en begrijpen). Er is veel ruimte voor het zelf ontdekken van de Franse taal.De rol van de taaldocent Frans is te zorgen voor voldoende inbreng en het faciliteren van het leerproces van de studenten.
Populariteit
Onder invloed van de ideeën over taal van (onder andere) Michael Lewis zijn de leerboeken duidelijk anders geworden in de afgelopen drie decennia. Er wordt veel meer aandacht aan woordenschat van de te leren taal geschonken die aangeboden wordt in chunks, in betekenisvolle brokjes. Een drastische verandering in de manier waarop taal wordt onderwezen, waar Michael Lewis streefde, is er echter niet van gekomen.Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering
De studenten leren het Frans op een heel natuurlijke manier te gebruiken door met ‘chunks’ (brokjes taal); met ‘echte’ taal te werken. Zo ontstaat souplesse in het taalgebruik Frans.Het nadeel van deze leermethode van de leermethode is dat de werkelijkheid altijd weer anders is dan de aangeleerde taalsituaties. Sommige studenten hebben moeite om de patronen van het Frans zelf te leren herkennen en hebben meer aan een trainer Frans die hen de weg wijst, dan aan een docent taal-facilitator.
Series Method
Bedacht door wie en wanneer
De Series method, ofwel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) is in 1880 door de Fransman François Gouin ontwikkeld.Kenmerken van de Series Method
Een serie van verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en weinig kennis vereisen van grammatica, is het uitgangspunt van de seriemethode (The Series Method of language acquisition) van Gouin. Studenten leren zinnen op basis van een handeling, zoals het verlaten van een huis in de volgorde waarin deze zou worden uitgevoerd. Deze series of reeksen gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, wetenschap en beroep, vanuit het onderscheid tussen objectieve, subjectieve en figuurlijke taal ontwikkeld. In de François Gouin-serie wordt geen moedertaal gebruikt. Het is een soort eentalige manier van taalverwerving, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar uitgaat van ‘demonstreren’ en ‘handelen’, waardoor studenten al gauw denken in de doeltaal (bijvoorbeeld het Frans).Populariteit
De seriemethode van Gouin was zijn tijd ver vooruit. Ondanks de vrij afwijkende aanpak, was de seriemethode van Gouin enige tijd succesvol. De methode werd echter overschaduwd door Maximilian Berlitz’ Directe Methode.Voor- en nadelen van de Series Method
Gouin’s Series method ontwikkelt sterk de mondelinge vaardigheden Frans en creëert een natuurlijke, harmonieuze en gelijkwaardige sfeer in de taalles.De leermethode garandeert levendig onderwijs. Doordat de leermethode gebruikmaakt van visuele leermiddelen, zoals afbeeldingen, grafieken, enzovoort, wekt dit type taalonderwijs Frans enthousiasme van de studenten op. Het leren werd tastbaar; dit was iets dat totaal nieuw was. Het maakt studenten Frans nieuwsgierig, wat goed werkt om het leergeheugen te helpen ontwikkelen, de prestatiedruk te verminderen en het zelfvertrouwen te verbeteren. de methode van François Gouin stimuleert de communicatieve taalvaardigheden Frans van de lerenden sterk.
Het nadeel van de leermethode is dat taal die wat subjectiever of abstracter is, wat moeilijk met beweging en expressie in één concrete ervaring is te vangen. Een bijkomend minpunt is de bewerkelijkheid voor de taaldocent, die immers een scala aan reeksen dient voor te bereiden. Ten derde richt de Gouin-seriemethode zich vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog vaak draait om examens die de lees- en schrijfvaardigheden toetsen.
Task-Based Language Teaching (TBLT)
Bedacht door wie en wanneer
Taakgericht taalonderwijs (Task-Based Language Teaching; TBLT) is ontwikkeld in de jaren tachtig van de vorige eeuw. De grondleggers zijn de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Michael H. Long en Graham Crookes.Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)
Het taakgericht taalonderwijs past binnen een Communicatieve Benadering/het Communicatief Taalonderwijs. De visie erachter is dat het verwerven van de te leren taal (zoals het Frans) geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te kunnen voeren. Lerenden krijgen motiverende taken voorgeschoteld, waarvoor taalkennis (Frans) vereist is. Om deze taken goed uit te voeren, is het nodig dat zij over woordenschat en regels van het Frans beschikken. Deze taken zijn zaken uit het dagelijks leven, zoals een e-mail schrijven, bellen met de klantenservice, een boodschap doen, een drankje bestellen of de krant lezen. De opdracht wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de lerende zich eerst op de taak voorbereidt, de taak vervolgens uitvoert en tot slot op de taak terugblikt. Studenten dienen samen te werken om de taken uit te kunnen voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken net boven het taalniveau Frans van de lerende liggen.Populariteit
Taakgericht onderwijs is vanaf het begin van de jaren negentig erg populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Taakgericht taalonderwijs de meest bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheid van de studenten (vooral de studenten met een achterstand) in het lager en secundair onderwijs te verhogen.Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching
Het taakgericht taalonderwijs (Frans) biedt duidelijke voordelen. Het is een activerende manier van werken, waarbij lerenden uitgedaagd worden om hun vaardigheid (Frans) te gebruiken. Mits de opdracht goed aansluit bij de student, is Task-Based Language Teaching een op de persoon gerichte, relevante en efficiënte aanpak. De studenten komen op een natuurlijke, dagelijkse manier in contact met het Frans en leren op deze manier authentieke Franse woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Bovendien leren studenten om samen te werken. Studenten ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.Als nadeel kan gezien worden dat de communicatie het belangrijkst is en niet zozeer de correcte vorm van het Frans, waardoor de studenten die niet zozeer precies leren.
De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)
Bedacht door wie en wanneer
Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse docententrainer en linguïst op het gebied van taalonderwijs Engels bedacht Dogme Language Teaching/Dogme ELT (de ‘Dogmabenadering’) in het jaar 2000.Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)
‘Dogme 95’; een stroming uit 1995 van een groep Deense filmmakers waaronder filmregisseur Lars von Trier, was de inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT). De deelnemers confirmeren zich bij het filmmaken aan 10 strenge regels (dogma’s). Deze dogma’s vormen samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity). Het Dogme-taalonderwijs werkt op een vergelijkbare manier. De aanhangers van de Dogme benadering zoeken naar een vorm van communicatief onderwijs van vreemde talen die niet door enig voorgedrukt materiaal is belast. Het beginnen van echte gesprekken over praktische items is het doeleinde van Dogme-taalonderwijs. Bij deze methode gaat het om communicatie als de inspirator van het leren. De Dogme-benadering is daarom een communicatieve aanpak voor het taalonderwijs. Deze methode wil onderwijs bieden zonder het gebruik van leerboeken of ander lesmateriaal en zich in plaats daarvan op de communicatie tussen docent en lerenden richt. Het Dogme-taalonderwijs kent 10 uitgangspunten (dogma’s), net als de Dogme-beweging in de film.Populariteit
Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, gaat Scott Thornbury ervan uit dat de parallellen met het taakgericht leren van een taal (zoals Frans) erop wijzen dat Dogme waarschijnlijk vergelijkbare resultaten oplevert.Voor- en nadelen van de Dogme benadering
Dat er nauwelijks voorbereiding nodig is, is een positieve bijkomstigheid voor taaldocenten Frans. De studenten zijn verantwoordelijk voor hun eigen leerproces en dit kan heel motiverend zijn. Voorspelbaar is de taalles Frans zo nooit. Dat zorgt voor spontane communicatie en verveling krijgt geen kans. Vrijwel alles kan in een Dogme-les worden besproken. Zo blijven studenten alert en betrokken.Daartegenover staat dat studenten zich iets ongemakkelijk kunnen voelen als ze zo weinig bij de hand worden genomen door de taaldocent. Voor deze manier van lesgeven zijn ook niet alle trainers Frans in voldoende mate flexibel. Dat studenten zich vaak dienen voor te bereiden op een specifiek examen Frans en het niet zeker is dat de hiervoor benodigde stof in de taallessen wordt behandeld, kan een ander minpunt vormen van de methode.
Growing Participator Approach (GPA)
Bedacht door wie en wanneer
The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld in het jaar 2007 door Language consultants Greg en Angela Thomson.Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)
Deze GPA-benadering is een alternatieve visie op het verwerven van een vreemde taal (zoals het Frans). Dat taal en cultuur niet los van elkaar kunnen worden gezien, is de primaire aanname van de GPA. Het gaat bij GPA om veel meer dan alleen het Frans; het doel is uitgroeien tot deelnemers aan het leven in de gastcultuur (van bijvoorbeeld Frankrijk). GPA gebruikt daarom de benaming ‘groeiende deelnemers’ in plaats van ‘taallerenden’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘docenten of leraren’. De Growing Participator Approach (GPA) vertoont gelijkenissen met, en is gedeeltelijk gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.De methode bestaat uit zes fasen van activiteiten. De activiteiten worden uitgevoerd door de lerende met een verzorger uit Frankrijk. Begrip is belangrijker dan productie. De focus ligt op de Franse woordenschat en de cultuur. Fase 1 is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. In fase 1 concentreert de ‘groeiende deelnemer’ zich op het luisteren en het non-verbale feedback geven.
Fase 2 van de zogenaamde leermethode is de zogenaamde ‘verhaalopbouwfase’. Deze fase neemt ruwweg 150 uur in beslag en nu beginnen de deelnemers ook Frans te produceren. In fase 3 van de leermethode ligt de nadruk op zogenaamde ‘gedeelde verhalen’. ‘Gedeelde verhalen’ zijn verhalen die over dagelijkse gebeurtenissen gaan, verhalen die tussen culturen worden gedeeld alsook verhalen die over gedeelde ervaringen gaan. Fase 4 van de methode is de fase van het zogenaamde ‘diepe delen’. De deelnemer en de verzorger beginnen nu meer diepgaande gesprekken te voeren over het leven in de Franse cultuur. In fase 5 van de methode begint de deelnemer zich op taalgebruik van moedertaalsprekers Frans te richten aan de hand van nieuws, televisie, films en literatuur. Het Frans dat voor het werk van de deelnemers is vereist, wordt ook geleerd. Fase 6 van de methode is de ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies Frans om.
Populariteit
Omdat de methode van Thomson nog redelijk nieuw is, is nog weinig bekend over het succes van de methode. Deelnemende studenten zijn enthousiast over de leermethode.Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach
Met de GPA-benadering wordt een duidelijke doorkijk geboden op het proces van de taalverwerving Frans. De zes afzonderlijke fasen bieden een duidelijk tijdspad alsook realistische doelen. Er wordt door de lerende niet alleen kennis verworven van het Frans, maar ook van de omgeving en de lerende verwerft eveneens een nieuw sociaal netwerk.Een nadeel van deze methode is dat voor elke deelnemer of elke kleine groep deelnemers een ‘verzorger’ gevonden moet worden die veel tijd wil investeren.
Shadowing Technique
Bedacht door wie en wanneer
De Shadowing technique, ook wel simpelweg Shadowing (‘schaduwen’) genoemd, is bedacht door Alexander Argüelles; een Amerikaanse polyglot en taalkundige in de vroege jaren 2000. Kenmerken van de Shadowing Technique
De techniek van Shadowing is een methode die studenten zelfstandig kunnen gebruiken om de uitspraak en intonatie (Frans) te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. Het werkt een eenvoudige methode: de lerende luistert naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhaalt wat hij of zij hoort. Het gaat in de eerste instantie om de klanken; de Franse tekst al begrijpen is niet belangrijk. Luisteren en daarna herhalen wordt net zo vaak geoefend totdat dit heel gemakkelijk gaat en de lerenden simultaan met de audio-opname Frans kunnen spreken. De student zal na enige tijd een transcript gebruiken om te kunnen lezen (en te begrijpen) wat hij of zij uitgesproken heeft. Veel leerboeken zijn geschikt voor deze techniek, zolang de boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten. De Franse audio-opnames dienen ideaal bezien wat boven het niveau van de lerende te zijn. De ideale lengte van een audio-opname is ongeveer één pagina, zonder kunstmatige pauzes en op natuurlijke snelheid. De aanbeveling van Alexander Argüelles is om te gaan lopen tijdens het spreken, liefst in de buitenlucht, en niet te gaan zitten, omdat fysieke bewegingen de opname versterken van de te leren taal (het Frans) in het zenuwstelsel. Dat de lerenden minder gauw worden afgeleid als zij in beweging zijn, zodat het leren van de Franse taal aanzienlijk effectiever gaat, is een andere reden.De techniek van Shadowing heeft veel gemeen met de audiolinguale methode uit de vorige eeuw, maar het verschil is dat bij de audiolinguale methode grammaticale drills werden gebruikt in plaats van dialogen of samenhangende teksten. Ook simultaan spreken is verschillend aan Shadowing.
Populariteit
Er is veel onderzoek gedaan de afgelopen jaren naar de methode van Shadowing dat aantoont dat de leermethodiek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van het Frans wordt vergroot. Voor- en nadelen van de Shadowing Technique
Het praktische pluspunt van Shadowing dat het in een groep lerenden kan worden gebruikt, waarbij alle deelnemers actief aan het leren zijn. De methode heeft een hoog rendement.De techniek van Shadowing heeft als nadeel is dat studenten het wellicht wat saai vinden om dezelfde Franse tekst steeds te blijven herhalen. De keuze van de tekst is dus van groot belang.
Total Physical Response (TPR®)
Bedacht door wie en wanneer
De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren zestig van de vorige eeuw.Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)
TPR® is een methode om talen (bijvoorbeeld Frans) te leren die op het principe is gebaseerd dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals kinderen hun moedertaal leren. Ouders geven voortdurend opdrachten aan hun jonge kinderen en belonen hen als ze die opdrachten uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoentjes maar aan”, enz.). In de eerste instantie is het de bedoeling dat het kind begrijpt wat de ouder zegt, het kind gaat in een later stadium verbaal reageren. De luistervaardigheid Frans vormt dus de basis, daarna komt de spreekvaardigheid.De methode van TPR® past deze principes van de moedertaalverwerving bij het leren van het Frans versneld toe. De docent geeft taken op een vriendelijke en begrijpelijke manier, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet zelf de taken voor; de lerenden doen deze taken na. In het begin wordt van de studenten nog niet verwacht dat zij Frans praten; de studenten geven in een later stadium de opdrachten. Opdrachten die bekend zijn worden uitgebreid of deels veranderd.
Door het combineren van bewegingen en spraak, appelleert de methode van TPR® aan beide hersenhelften. Hierdoor kost het minder moeite om iets te leren en het geleerde Frans beklijft ook beter.
Populariteit
Hoofdzakelijk wordt de methode van TPR® binnen het NT2-onderwijs gebruikt (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels taalonderwijs op de basisschool. Maar middelbare scholieren of volwassenen werken ook met veel plezier met TPR® en behalen hiermee goede resultaten.Voor- en nadelen van Total Physical Response
TPR® heeft veel voordelen. Doordat studenten veel begrijpelijke inbreng in ‘chunks’ krijgen aangeboden (woorden die bij elkaar horen), krijgen zij snel begrip van de nieuwe taal. De methode levert vlotte succeservaringen op. Dit bevordert het plezier in het leren van het Frans. Dit zorgt voor stressvrij leren. De methode van TPR® is in principe voor alle doelgroepen geschikt, ongeacht welke achtergrond of leeftijd en deze leermethode kan ook in wat grotere klassen gebruikt worden. Het geleerde Frans wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerende.De keerzijde van TPR® is dat niet elke taaluiting in TPR®-opdrachten is uit te drukken. Daarom werkt de methodiek tot op een zeker niveau en is een andere methodiek nodig als aanvulling. Daarnaast is de methodiek niet heel creatief. De studenten leren niet om meningen, gevoelens en ideeën in het Frans uit te drukken.
De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)
Bedacht door wie en wanneer
Eind jaren tachtig van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode, ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. Deze methode is als antwoord op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.Kenmerken van de Directe Methode (DM)
Een Reformbeweging met nieuwe ideeën over vreemde talen leren dat zelfontdekkend en inductief zou moeten zijn, ontstond omstreeks het jaar 1900. De Reformbeweging had overigens niet alleen betrekking op het leren van een taal, maar ook over voeding, kleding, natuurgeneeskunde en naturisme. Omstreeks 1900 streefden de mensen, net als in de jaren 60 van de vorige eeuw, naar meer natuurlijke manieren van leven en bevrijding van keurslijven. Er ontstond op het gebied van het taalonderwijs veel aandacht voor ‘levende’, gesproken taal. Hierbij werd de grammatica meer inductief aangeleerd, met voorbeeldzinnen. De studenten dienden de taalregels hieruit af te leiden. Er kwamen veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht voor de uitspraak van de taal (zoals het Frans). Studenten werden aangemoedigd veel Frans te spreken. Dat de les in het Frans werd gegeven, was ook nieuw. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. De (Franse) woordenschat werd aangeleerd door middel van plaatjes en voorbeelden. Abstracte vocabulaire werd door studenten aangeboden voor het associëren van ideeën.Populariteit
Mede onder invloed van de oorlogen en crises ebde deze vernieuwingsgolf van het begin van de twintigste eeuw weg, om in de jaren zestig weer een andere vorm te krijgen.Taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz werken nog steeds met een (moderne versie van) de Directe Methode.
Voor- en nadelen van de Directe Methode
Dat het een vrij natuurlijke manier van leren is, is het voordeel van de Directe Methode. Luisteren en spreken worden uitgebreid behandeld. Hierdoor ontwikkelen de studenten zelfvertrouwen en vloeiendheid. Deze Direct Methode heeft echter ook keerzijden. Voor schrijfvaardigheid (Frans) is bij deze methode nauwelijks aandacht en voor lezen in de vreemde taal minder. Deze leermethode biedt voor de meer gevorderde lerenden Frans niet genoeg uitdagingen. Voor minder snel lerende studenten is de Directe Methode tevens niet heel bruikbaar, doordat deze methode op een daadkrachtige inzet vanuit de student is gestoeld.De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)
Bedacht door wie en wanneer
Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). An oral system of teaching living languages ging in herdruk in 2015.Kenmerken van de Manesca-methode
Manesca is gebaseerd op hetzelfde principe als de Natural Approach (‘natuurlijke aanpak’): de beste manier om een taal te leren, is de manier waarop een kind de moedertaal leert. Het leren van een taal (zoals Frans) dient veilig en gemakkelijk te zijn. Daarom wil Manesca niet werken met abstracte regels en lijstjes met Franse woorden die uit het hoofd geleerd dienen te worden.De Manesca-methode geldt als de vroegst bekende, volledige taalcursus. De leermethode is gebaseerd op het werken met een groep van studenten en een trainer Frans, die steeds één Frans woord tegelijk introduceert. Er hoort een specifieke beweging bij het woord. Het Franse woord en de bijbehorende beweging worden daarna door de studenten na elkaar herhaald. Deze herhaling helpt de lerenden hhet Franse woord te onthouden, zonder dat uit het hoofd leren nodig is. Stap voor stap worden de woorden zinnen en vervolgens variaties op de Franse zinnen. In een later stadium wordt met leesteksten Franse spelling aangeboden.
De Manesca-methode is reeds een aantal jaren later overgenomen en aangepast door grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff en staat dan ook wel als de Ollendorff-methode bekend.
Populariteit
Manesca overleed twee jaar na de publicatie van zijn leermethode. Het werk van Manesca is door anderen overgenomen en verder ontwikkeld, onder wie Ollendorff. Veel van de ideeën van Manesca zijn actueel en worden nog steeds toegepast in het moderne vreemdetalenonderwijs.Voor- en nadelen van de Manesca-methode
Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode is het combineren van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen meewerkt en het geleerde gemakkelijker en langer kan worden onthouden. Het veelvuldige herhalen draagt daar ook aan bij. Dat het wat saai kan worden om dezelfde Franse woorden en zinnetjes te blijven herhalen, kan door studenten als een nadeel worden ervaren.Silent Way
Bedacht door wie en wanneer
The Silent way (‘de stille manier’) is ontwikkeld door de Egyptenaar Caleb Gattegno in het jaar 1963.Kenmerken van de Silent Way
De stille manier is een taalleermethode (voor bijvoorbeeld Frans) die gebruikmaakt van stilte als instructiemiddel. Gattegno’s methode gaat uit van de autonomie van de student en diens actieve deelname.De trainers Frans gebruiken een combinatie van stilte en gebaren om de aandacht te trekken van de lerenden, reacties uit te lokken en ze aan te moedigen om foutjes te verbeteren. Veel tijd wordt aan de uitspraak (Frans) besteed.
Gattegno, die wiskundige was, vond het belangrijk om taalles te geven op een wijze die efficiënt was voor de voorraad energie van de lerenden. Hij ontdekte dat het in verhouding weinig energie kost om een visueel of auditief beeld te onthouden, veel minder dan wanneer studenten proberen iets uit het hoofd te leren. Caleb Gattegno verklaarde dat trainers niet zozeer dienen te streven naar kennisoverdracht, maar bewustzijn aan dienen te boren, want alleen bewustzijn maakt het mogelijk om iets te kunnen leren.
Gekleurde blokken die voor allerlei dingen kunnen worden gebruikt, zijn één van de hulpmiddelen die The Silent Way hierbij gebruikt. Ook maakt de methodiek gebruik van Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor geluiden waarbij elke kleur voor een bepaalde klank van het Frans staat, gekleurde woordgrafieken om aan zinnen te werken en gekleurde grafieken die gebruikt worden om spelling te leren.
Populariteit
Gattegno’s ideeën zijn van belang geweest, met name bij het aanleren van de uitspraak van het Frans, hoewel The Silent Way in zijn originele vorm niet veel wordt gebruikt.Voor- en nadelen van de Silent Way
Dat zijn benadering niet-bedreigend is voor de lerende, die tenslotte gezien wordt als autonoom, is de sterke kant van de methodiek van Gattegno. De docent Frans is in feite aan de lerenden dienstbaar, niet andersom. Met de leermethodiek van The Silent Way wordt het leren op een natuurlijke wijze gestimuleerd. Vaak wordt het geleerde goed verwerkt en onthouden door de lerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken. Foutjes maken mag, wat helpt bij het leerproces.Het feit dat sommige lerenden wat meer begeleiding nodig hebben dan de leermethode beoogt, kan een nadeel van de leermethode zijn. De lerenden worden mogelijk gefrustreerd door het gebrek aan inbreng van de docent Frans. Met kleuren en grafieken werken, heeft als beperking dat de nieuwheid er snel af gaat. Hierdoor kan verdwijnen het effect.
TPR Storytelling
Bedacht door wie en wanneer
TPR Storytelling of ‘TPRS’ houdt in Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De TPRS-methode is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, van oorsprong een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-methode (Total Physical Response) voort.Kenmerken van TPR Storytelling
De TPRS-methode is een talenverwervingsmethode die verhalen gebruikt om vreemde talen (bijvoorbeeld Frans) te leren. Het principe is een natuurlijke methode van taalverwerving: de taal leren zoals kinderen hun moedertaal leren. Om dit te bereiken, worden lerenden blootgesteld aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input. De docent Frans vertelt een verhaal aan de studenten, waarin nieuwe Franse woorden meerdere keren voorkomen. De verhalen zijn interessant of humoristisch en nooit te lang. Studenten ontspannen zich doordat de verhalen van de docent eenvoudig zijn te begrijpen. Franse woorden en structuren worden zo ongemerkt opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerenden. De lerenden worden door de trainer op grammaticale verschijnselen van het Frans gewezen, zonder dat lerenden regels van het Frans uit het hoofd hoeven te leren.De studenten zullen na enige tijd ‘automatisch’ Frans beginnen te spreken en de Franse grammaticale structuren imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een alternatief is om samen met een groep studenten een verhaal op te bouwen. Hierbij schrijft de trainer Frans eerst nieuwe woorden en structuren op een bord of flipchart, met de Franse vertaling erbij, om daarna samen met de lerenden hier een verhaal van te maken. Tot slot vertellen de studenten het verhaal na. Lezen in het Frans is een belangrijk deel van TPR Storytelling, doordat dit voor input zorgt. In een later stadium volgt schrijven in het Frans.
Populariteit
Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een geslaagde manier is om een taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de setting moet geschikt zijn en de taaldocent moet ervoor getraind zijn.Voor- en nadelen van TPR Storytelling
TPR Storytelling is een laagdrempelige wijze van taalverwerving en het geleerde wordt grondig verworven. Omdat TPRS ook aan de creatieve intelligentie appelleert, is TPRS een vorm van breinvriendelijk leren. Het is plezierig voor studenten en het is niet moeilijk om de aandacht erbij te houden. Voor de lerenden werkt het heel motiverend om zelf een verhaal te verzinnen.Een minpunt is dat TPR Storytelling veel voorbereiding van de taaldocent vraagt.





